BWBR0022476
Geldig vanaf 2007-09-10
Artikel 4
Regeling garantstelling visserij
1. Geen garantstelling wordt verstrekt aan ondernemingen, bedoeld in punt 2.1 van de Mededeling van de Commissie aangaande Communautaire richtsnoeren inzake reddings- en herstructureringssteun aan ondernemingen in moeilijkheden (OJ C 244, 1.10.2004, p. 2)
2. Geen garantstelling wordt verstrekt voor de terugbetaling van leningen die gericht zijn op de herfinanciering van schulden, daaronder mede begrepen niet door een kredietinstelling verstrekte leningen alsmede leningen welke worden aangegaan om kapitaalbehoefte, ontstaan door het uittreden van een commanditaire vennoot uit een commanditaire vennootschap te dekken, behoudens ingeval van overmacht.
3. Geen garantstelling wordt verstrekt voor de terugbetaling van leningen indien ten aanzien van de investeringen:
a. door de aanvrager reeds verplichtingen zijn aangegaan voordat de ontvangst van de aanvraag door Dienst Regelingen schriftelijk is bevestigd, of
b. door een kredietinstelling reeds een lening is verstrekt of onvoorwaardelijk is toegezegd voordat de ontvangst van de aanvraag door Dienst Regelingen schriftelijk is bevestigd.
4. Geen garantstelling wordt verstrekt voor de terugbetaling van leningen met betrekking tot een visserijonderneming die wordt uitgeoefend door een commanditaire vennootschap, tenzij uit de betrokken vennootschapsovereenkomst blijkt dat deze ten minste is aangegaan voor een periode, overeenkomende met de looptijd van de lening, waarvoor de aanvraag wordt ingediend, en in elk geval gedurende deze looptijd niet kan worden opgezegd.
5. Geen garantstelling wordt verstrekt indien reeds een krediet is verstrekt voor dezelfde investering op basis van andere garantstellingen door de overheid.
6. Geen garantstelling wordt verstrekt indien aan de aanvrager in het tijdvak van twee jaren voorafgaand aan de datum van ontvangst van de aanvraag reeds een garantstelling op grond van deze regeling is verstrekt.
2. Geen garantstelling wordt verstrekt voor de terugbetaling van leningen die gericht zijn op de herfinanciering van schulden, daaronder mede begrepen niet door een kredietinstelling verstrekte leningen alsmede leningen welke worden aangegaan om kapitaalbehoefte, ontstaan door het uittreden van een commanditaire vennoot uit een commanditaire vennootschap te dekken, behoudens ingeval van overmacht.
3. Geen garantstelling wordt verstrekt voor de terugbetaling van leningen indien ten aanzien van de investeringen:
a. door de aanvrager reeds verplichtingen zijn aangegaan voordat de ontvangst van de aanvraag door Dienst Regelingen schriftelijk is bevestigd, of
b. door een kredietinstelling reeds een lening is verstrekt of onvoorwaardelijk is toegezegd voordat de ontvangst van de aanvraag door Dienst Regelingen schriftelijk is bevestigd.
4. Geen garantstelling wordt verstrekt voor de terugbetaling van leningen met betrekking tot een visserijonderneming die wordt uitgeoefend door een commanditaire vennootschap, tenzij uit de betrokken vennootschapsovereenkomst blijkt dat deze ten minste is aangegaan voor een periode, overeenkomende met de looptijd van de lening, waarvoor de aanvraag wordt ingediend, en in elk geval gedurende deze looptijd niet kan worden opgezegd.
5. Geen garantstelling wordt verstrekt indien reeds een krediet is verstrekt voor dezelfde investering op basis van andere garantstellingen door de overheid.
6. Geen garantstelling wordt verstrekt indien aan de aanvrager in het tijdvak van twee jaren voorafgaand aan de datum van ontvangst van de aanvraag reeds een garantstelling op grond van deze regeling is verstrekt.