Artikel 1
In deze regeling wordt verstaan onder:
a. Minister: Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit;
b. kredietinstelling: kredietinstelling als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel a, onder 1°, van de Wet toezicht kredietwezen 1992;
c. ondernemer: natuurlijk persoon of rechtspersoon te wiens naam het vissersvaartuig in het visserijregister staat geregistreerd;
d. lening: door een kredietinstelling verstrekte geldlening, niet zijnde een rekening-courantkrediet;
e. liquiditeitstoename: som van het bedrijfsresultaat, de afschrijving en de privé-toevoegingen verminderd met de aflossingen, de privé-onttrekkingen en de vervangingsinvesteringen;
f. bancair aansprakelijk vermogen: 1°. het eigen vermogen van het bedrijf van de aanvrager of
2°. zekerheidsstelling door derden ten behoeve van het bedrijf van de aanvrager, en vermogensbestanddelen van de aanvrager privé, bestaande uit: – bij eenmanszaken, vennootschappen onder firma en maatschappen: privé-bezittingen;
– bij besloten vennootschappen met beperkte aansprakelijkheid of naamloze
– vennootschappen: privé-bezittingen voor zover deze door zekerheidsstelling ten
– behoeve van de kredietinstelling zijn verbonden;
– achtergestelde leningen;
– bij eenmanszaken, vennootschappen onder firma en maatschappen: privé-bezittingen;
– bij besloten vennootschappen met beperkte aansprakelijkheid of naamloze
– vennootschappen: privé-bezittingen voor zover deze door zekerheidsstelling ten
– behoeve van de kredietinstelling zijn verbonden;
– achtergestelde leningen;
1°. het eigen vermogen van het bedrijf van de aanvrager of
2°. zekerheidsstelling door derden ten behoeve van het bedrijf van de aanvrager, en vermogensbestanddelen van de aanvrager privé, bestaande uit: – bij eenmanszaken, vennootschappen onder firma en maatschappen: privé-bezittingen;
– bij besloten vennootschappen met beperkte aansprakelijkheid of naamloze
– vennootschappen: privé-bezittingen voor zover deze door zekerheidsstelling ten
– behoeve van de kredietinstelling zijn verbonden;
– achtergestelde leningen;
– bij eenmanszaken, vennootschappen onder firma en maatschappen: privé-bezittingen;
– bij besloten vennootschappen met beperkte aansprakelijkheid of naamloze
– vennootschappen: privé-bezittingen voor zover deze door zekerheidsstelling ten
– behoeve van de kredietinstelling zijn verbonden;
– achtergestelde leningen;
g. Dienst Regelingen: Dienst Regelingen van het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit;
h. contingent: contingent als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel g, van de Regeling contingentering zeevis;
i. garnalenvergunning: vergunning als bedoeld in artikel 11 van de Beschikking visserij visserijzone, zeegebied en kustwateren verleend voor het vissen met enig vistuig geschikt voor het vangen van garnalen (Crangon, crangon) in de visserijzone, het zeegebied of de kustwateren.
a. Minister: Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit;
b. kredietinstelling: kredietinstelling als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel a, onder 1°, van de Wet toezicht kredietwezen 1992;
c. ondernemer: natuurlijk persoon of rechtspersoon te wiens naam het vissersvaartuig in het visserijregister staat geregistreerd;
d. lening: door een kredietinstelling verstrekte geldlening, niet zijnde een rekening-courantkrediet;
e. liquiditeitstoename: som van het bedrijfsresultaat, de afschrijving en de privé-toevoegingen verminderd met de aflossingen, de privé-onttrekkingen en de vervangingsinvesteringen;
f. bancair aansprakelijk vermogen: 1°. het eigen vermogen van het bedrijf van de aanvrager of
2°. zekerheidsstelling door derden ten behoeve van het bedrijf van de aanvrager, en vermogensbestanddelen van de aanvrager privé, bestaande uit: – bij eenmanszaken, vennootschappen onder firma en maatschappen: privé-bezittingen;
– bij besloten vennootschappen met beperkte aansprakelijkheid of naamloze
– vennootschappen: privé-bezittingen voor zover deze door zekerheidsstelling ten
– behoeve van de kredietinstelling zijn verbonden;
– achtergestelde leningen;
– bij eenmanszaken, vennootschappen onder firma en maatschappen: privé-bezittingen;
– bij besloten vennootschappen met beperkte aansprakelijkheid of naamloze
– vennootschappen: privé-bezittingen voor zover deze door zekerheidsstelling ten
– behoeve van de kredietinstelling zijn verbonden;
– achtergestelde leningen;
1°. het eigen vermogen van het bedrijf van de aanvrager of
2°. zekerheidsstelling door derden ten behoeve van het bedrijf van de aanvrager, en vermogensbestanddelen van de aanvrager privé, bestaande uit: – bij eenmanszaken, vennootschappen onder firma en maatschappen: privé-bezittingen;
– bij besloten vennootschappen met beperkte aansprakelijkheid of naamloze
– vennootschappen: privé-bezittingen voor zover deze door zekerheidsstelling ten
– behoeve van de kredietinstelling zijn verbonden;
– achtergestelde leningen;
– bij eenmanszaken, vennootschappen onder firma en maatschappen: privé-bezittingen;
– bij besloten vennootschappen met beperkte aansprakelijkheid of naamloze
– vennootschappen: privé-bezittingen voor zover deze door zekerheidsstelling ten
– behoeve van de kredietinstelling zijn verbonden;
– achtergestelde leningen;
g. Dienst Regelingen: Dienst Regelingen van het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit;
h. contingent: contingent als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel g, van de Regeling contingentering zeevis;
i. garnalenvergunning: vergunning als bedoeld in artikel 11 van de Beschikking visserij visserijzone, zeegebied en kustwateren verleend voor het vissen met enig vistuig geschikt voor het vangen van garnalen (Crangon, crangon) in de visserijzone, het zeegebied of de kustwateren.