BWBR0022301
Geldig vanaf 2007-08-13
Artikel 5
Uitvoeringsregeling WKK ramingen en subsidiebedragen
1. De raming voor het jaar 2007 bedraagt:
a. indien de productie-installatie vóór 1 januari 2005 in gebruik is genomen, ten hoogste 110 procent van de gemiddelde maandproductie vermenigvuldigd met twaalf, met dien verstande dat er over ten minste twaalf maanden in de periode van 1 januari 2005 tot en met 31 december 2006 certificaten zijn uitgegeven;
b. indien de productie-installatie in de periode van 1 januari 2005 tot en met 31 december 2006 in gebruik is genomen, ten hoogste 110 procent van de gemiddelde maandproductie in de periode vanaf het tijdstip dat de productie-installatie in gebruik is genomen tot en met 31 december 2006, vermenigvuldigd met twaalf, met dien verstande dat er over ten minste de helft van de maanden in deze periode certificaten zijn uitgegeven;
c. indien de productie-installatie na 31 december 2006 in gebruik is genomen, ten hoogste 110 procent van de gemiddelde maandproductie in de periode vanaf het tijdstip dat de productie-installatie in gebruik is genomen tot en met het tijdstip waarop de aanvraag, bedoeld in artikel 8 van het besluit, is ingediend, vermenigvuldigd met twaalf, met dien verstande dat er over ten minste de helft van de maanden in deze periode certificaten zijn uitgegeven.
2. Indien een productie-installatie in de periode van 1 januari 2005 tot 31 december 2006 is gerenoveerd als bedoeld in artikel 2, zesde lid, van de Regeling certificaten warmtekrachtkoppeling Elektriciteitswet 1998, dan geldt het tijdstip direct na de renovatie als aanvangsdatum van de periode, bedoeld in het eerste lid, onderdeel b.
3. Indien een productie-installatie in de periode na 31 december 2006 is gerenoveerd als bedoeld in artikel 2, zesde lid, van de Regeling certificaten warmtekrachtkoppeling Elektriciteitswet 1998, dan geldt het tijdstip direct na de renovatie als aanvangsdatum van de periode, bedoeld in het eerste lid, onderdeel c.
a. indien de productie-installatie vóór 1 januari 2005 in gebruik is genomen, ten hoogste 110 procent van de gemiddelde maandproductie vermenigvuldigd met twaalf, met dien verstande dat er over ten minste twaalf maanden in de periode van 1 januari 2005 tot en met 31 december 2006 certificaten zijn uitgegeven;
b. indien de productie-installatie in de periode van 1 januari 2005 tot en met 31 december 2006 in gebruik is genomen, ten hoogste 110 procent van de gemiddelde maandproductie in de periode vanaf het tijdstip dat de productie-installatie in gebruik is genomen tot en met 31 december 2006, vermenigvuldigd met twaalf, met dien verstande dat er over ten minste de helft van de maanden in deze periode certificaten zijn uitgegeven;
c. indien de productie-installatie na 31 december 2006 in gebruik is genomen, ten hoogste 110 procent van de gemiddelde maandproductie in de periode vanaf het tijdstip dat de productie-installatie in gebruik is genomen tot en met het tijdstip waarop de aanvraag, bedoeld in artikel 8 van het besluit, is ingediend, vermenigvuldigd met twaalf, met dien verstande dat er over ten minste de helft van de maanden in deze periode certificaten zijn uitgegeven.
2. Indien een productie-installatie in de periode van 1 januari 2005 tot 31 december 2006 is gerenoveerd als bedoeld in artikel 2, zesde lid, van de Regeling certificaten warmtekrachtkoppeling Elektriciteitswet 1998, dan geldt het tijdstip direct na de renovatie als aanvangsdatum van de periode, bedoeld in het eerste lid, onderdeel b.
3. Indien een productie-installatie in de periode na 31 december 2006 is gerenoveerd als bedoeld in artikel 2, zesde lid, van de Regeling certificaten warmtekrachtkoppeling Elektriciteitswet 1998, dan geldt het tijdstip direct na de renovatie als aanvangsdatum van de periode, bedoeld in het eerste lid, onderdeel c.