1. Het aangifteformulier, bedoeld in
artikel 3, derde lid, onderdeel a, van de wet, wordt vastgesteld overeenkomstig het model in de bijlagebij deze regeling.
2. Met betrekking tot de in aanmerking te nemen wisselkoers, bedoeld in
artikel 3, derde lid, onderdeel b, onder 1°, van de wet, zijn de
artikelen 149en
150 van de Douaneregelingvan overeenkomstige toepassing.
3. De in aanmerking te nemen waarde van verhandelbare instrumenten aan toonder, bedoeld in
artikel 3, derde lid, onderdeel b, onder 2°, van de wet, is de waarde die het desbetreffende instrument heeft op de meest gerede financiële markt waarop het verhandeld wordt of bij het ontbreken daarvan, de intrinsieke waarde.
4. Op de bekendmaking van de beschikking tot inbewaringneming van liquide middelen in het openbaar indien de natuurlijke persoon onbekend is, een en ander als bedoeld in
artikel 4, eerste lid, van de wet, is
artikel 114, eerste en tweede lid, van de Douaneregelingvan overeenkomstige toepassing.