BWBR0021789
Geldig vanaf 2007-05-06
Artikel 6
Besluit mandaat, volmacht en machtiging VROM 2007
1. Dit besluit is van toepassing op de uitoefening van bevoegdheden, voor zover deze niet reeds ingevolge een wettelijk voorschrift aan de portefeuillehouder, de inspecteur-generaal VROM, de directeur-generaal Rijksgebouwendienst, de directeur Nederlandse emissieautoriteit in oprichting en de directeur Planbureau voor de Leefomgeving zijn toegedeeld dan wel voor zover deze niet zijn toegedeeld aan een andere functionaris of orgaan dan de in dit besluit genoemde.
2. Onverminderd artikel 3is de directeur Personeel en Organisatie, bedoeld in artikel 2.7 van de bijlage ‘Nadere uitwerking organisatiestructuur en taken’ bij het Organisatiebesluit VROM 2008bevoegd tot het, in opdracht van de beslissingsbevoegde functionaris, opstellen en ondertekenen van besluiten en correspondentie op het terrein van de personeels- en salarisadministratie van het Ministerie. De directeur Personeel en Organisatie kan zijn bevoegd doorverlenen aan onder hem ressorterende functionarissen.
3. De portefeuillehouder oefent zijn bevoegdheid, genoemd in artikel 3, tweede lid, onderdeel b, uit met voorafgaande instemming van de algemene leiding.
4. De portefeuillehouder oefent zijn bevoegdheid, genoemd in artikel 3, tweede lid, onderdeel c, uit ten aanzien van de formatie tot met schaal 13.
5. Onder beslissingsbevoegde functionaris, bedoeld in het derde lid, worden tevens verstaan de functionarissen aan wie leidinggevende taken zijn toebedeeld en die als zodanig in het personeelsinformatiesysteem zijn geautoriseerd.
6. Onverminderd artikel 3is de directeur Financiële en Economische Zaken, bedoeld in artikel 1.4 van de bijlage ‘Nadere uitwerking organisatiestructuur en taken’ bij het Organisatiebesluit VROM 2008bevoegd tot het, in opdracht van de beslissingsbevoegde functionaris, opstellen en ondertekenen van inkoopopdrachten tot een maximum bedrag van € 15.000,– inclusief BTW. De directeur Financiële en Economische Zaken kan zijn bevoegdheid doorverlenen aan onder hem ressorterende functionarissen.
2. Onverminderd artikel 3is de directeur Personeel en Organisatie, bedoeld in artikel 2.7 van de bijlage ‘Nadere uitwerking organisatiestructuur en taken’ bij het Organisatiebesluit VROM 2008bevoegd tot het, in opdracht van de beslissingsbevoegde functionaris, opstellen en ondertekenen van besluiten en correspondentie op het terrein van de personeels- en salarisadministratie van het Ministerie. De directeur Personeel en Organisatie kan zijn bevoegd doorverlenen aan onder hem ressorterende functionarissen.
3. De portefeuillehouder oefent zijn bevoegdheid, genoemd in artikel 3, tweede lid, onderdeel b, uit met voorafgaande instemming van de algemene leiding.
4. De portefeuillehouder oefent zijn bevoegdheid, genoemd in artikel 3, tweede lid, onderdeel c, uit ten aanzien van de formatie tot met schaal 13.
5. Onder beslissingsbevoegde functionaris, bedoeld in het derde lid, worden tevens verstaan de functionarissen aan wie leidinggevende taken zijn toebedeeld en die als zodanig in het personeelsinformatiesysteem zijn geautoriseerd.
6. Onverminderd artikel 3is de directeur Financiële en Economische Zaken, bedoeld in artikel 1.4 van de bijlage ‘Nadere uitwerking organisatiestructuur en taken’ bij het Organisatiebesluit VROM 2008bevoegd tot het, in opdracht van de beslissingsbevoegde functionaris, opstellen en ondertekenen van inkoopopdrachten tot een maximum bedrag van € 15.000,– inclusief BTW. De directeur Financiële en Economische Zaken kan zijn bevoegdheid doorverlenen aan onder hem ressorterende functionarissen.