BWBR0020858
Geldig vanaf 2007-07-09
Artikel 9
Wet op het Waddenfonds
1. In het belang van een goede uitvoering van deze wet worden bij ministeriële regeling in elk geval regels gesteld met betrekking tot:
a. de gegevens die bij een aanvraag tot subsidieverlening en subsidievaststelling door de aanvrager worden verstrekt;
b. de wijze van subsidieverstrekking;
c. de werkwijze van de commissie, bedoeld in artikel 7, eerste lid;
d. de criteria, bedoeld in artikel 7, vierde lid.
2. Bij ministeriële regeling kunnen voorts regels worden gesteld met betrekking tot:
a. de vaststelling van subsidieplafonds per doelstelling als bedoeld in artikel 2, tweede lid, en de toerekening van activiteiten in een project naar die doelstellingen;
b. cofinanciering als bedoeld in artikel 6, eerste lid, onderdeel d;
c. het drempelbedrag, bedoeld in artikel 6, eerste lid, onderdeel e;
d. de subsidiabele kosten en de verplichtingen van de subsidieontvanger.
3. Onze Minister kan beleidsregels vaststellen met betrekking tot de wijze waarop voorgenomen activiteiten en verrichte prestaties zullen worden beoordeeld.
a. de gegevens die bij een aanvraag tot subsidieverlening en subsidievaststelling door de aanvrager worden verstrekt;
b. de wijze van subsidieverstrekking;
c. de werkwijze van de commissie, bedoeld in artikel 7, eerste lid;
d. de criteria, bedoeld in artikel 7, vierde lid.
2. Bij ministeriële regeling kunnen voorts regels worden gesteld met betrekking tot:
a. de vaststelling van subsidieplafonds per doelstelling als bedoeld in artikel 2, tweede lid, en de toerekening van activiteiten in een project naar die doelstellingen;
b. cofinanciering als bedoeld in artikel 6, eerste lid, onderdeel d;
c. het drempelbedrag, bedoeld in artikel 6, eerste lid, onderdeel e;
d. de subsidiabele kosten en de verplichtingen van de subsidieontvanger.
3. Onze Minister kan beleidsregels vaststellen met betrekking tot de wijze waarop voorgenomen activiteiten en verrichte prestaties zullen worden beoordeeld.