BWBR0020764
Geldig vanaf 01-01-2007
Artikel 2:5
Regeling solvabiliteitseisen kredietrisico en grote posities Wft 2010
Een financiële onderneming kan, in afwijking van de drie vorige artikelen, aan vorderingen op de centrale overheid of de centrale bank van een land dat geen lid is van de Europese Unie hetzelfde lagere risicogewicht toekennen dat de toezichthoudende instantie van het betrokken land aan vorderingen op de eigen centrale overheid of centrale bank heeft toegekend, indien:
a. het vorderingen betreft, luidend in en gefinancierd in de binnenlandse valuta van het betrokken land; en
b. het betrokken land toezichtpraktijken en toezichtregelingen toepast die ten minste gelijkwaardig zijn aan de praktijken en regelingen in de Europese Unie; en
c. het de onder toezicht staande financiële ondernemingen van het betrokken land eveneens is toegestaan om aan vorderingen op de eigen centrale overheid of centrale bank een risicogewicht toe te kennen dat lager is dan de risicogewichten, genoemd in de drie vorige artikelen.
a. het vorderingen betreft, luidend in en gefinancierd in de binnenlandse valuta van het betrokken land; en
b. het betrokken land toezichtpraktijken en toezichtregelingen toepast die ten minste gelijkwaardig zijn aan de praktijken en regelingen in de Europese Unie; en
c. het de onder toezicht staande financiële ondernemingen van het betrokken land eveneens is toegestaan om aan vorderingen op de eigen centrale overheid of centrale bank een risicogewicht toe te kennen dat lager is dan de risicogewichten, genoemd in de drie vorige artikelen.
- Citeren als
- Art. 2:5
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0020764
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl