BWBR0020764
Geldig vanaf 31-10-2010
Artikel 2:45
Regeling solvabiliteitseisen kredietrisico en grote posities Wft 2010
1. Een financiële onderneming kan het risicogewicht van een icb, in afwijking van de vorige artikelen, overeenkomstig de volgende artikelen van deze paragraaf vaststellen, indien de icb wordt beheerd door een maatschappij die onderworpen is aan toezicht van een toezichthoudende instantie uit een lidstaat.
2. Op verzoek kan een financiële onderneming worden toegestaan om het risicogewicht van een icb, in afwijking van de vorige artikelen, overeenkomstig de volgende artikelen van deze paragraaf vast te stellen, indien de icb beheerd wordt door een maatschappij die onderworpen is aan toezicht van een autoriteit uit een lidstaat die geen lid is van de Europese Unie, indien:
a. de toezichtpraktijken en toezichtregelingen van het betrokken lidstaat ten minste gelijkwaardig zijn aan de praktijken en regelingen in de Europese Unie, en
b. de samenwerking tussen DNB en de toezichthoudende instantie van het betrokken derde lidstaat voldoende is gewaarborgd.
3. Voor de toepassing van het eerste en tweede lid, wordt over de bedrijfsactiviteiten van de icb ten minste jaarlijks op zodanige wijze verslag uitgebracht dat de activa en passiva, evenals de inkomsten en transacties over de verslagperiode kunnen worden beoordeeld.
4. Voor de toepassing van het eerste en tweede lid, waarborgt de financiële onderneming dat het prospectus, of een daarmee gelijk te stellen document, van de icb bevat:
a. de categorieën activa waarin de icb mag beleggen, en
b. de relatieve beleggingsgrenzen en de methoden om deze te berekenen, voor zover dergelijke grenzen van toepassing zijn.
2. Op verzoek kan een financiële onderneming worden toegestaan om het risicogewicht van een icb, in afwijking van de vorige artikelen, overeenkomstig de volgende artikelen van deze paragraaf vast te stellen, indien de icb beheerd wordt door een maatschappij die onderworpen is aan toezicht van een autoriteit uit een lidstaat die geen lid is van de Europese Unie, indien:
a. de toezichtpraktijken en toezichtregelingen van het betrokken lidstaat ten minste gelijkwaardig zijn aan de praktijken en regelingen in de Europese Unie, en
b. de samenwerking tussen DNB en de toezichthoudende instantie van het betrokken derde lidstaat voldoende is gewaarborgd.
3. Voor de toepassing van het eerste en tweede lid, wordt over de bedrijfsactiviteiten van de icb ten minste jaarlijks op zodanige wijze verslag uitgebracht dat de activa en passiva, evenals de inkomsten en transacties over de verslagperiode kunnen worden beoordeeld.
4. Voor de toepassing van het eerste en tweede lid, waarborgt de financiële onderneming dat het prospectus, of een daarmee gelijk te stellen document, van de icb bevat:
a. de categorieën activa waarin de icb mag beleggen, en
b. de relatieve beleggingsgrenzen en de methoden om deze te berekenen, voor zover dergelijke grenzen van toepassing zijn.
- Citeren als
- Art. 2:45
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0020764
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl