BWBR0020731
Geldig vanaf 2014-08-01
Artikel 3
Subsidieregeling sanering verkeerslawaai
1. De Minister kan aan het gemeentebestuur of het bestuur op aanvraag subsidie verstrekken ter zake de kosten van:
a. verkeersmaatregelen tegen wegverkeerslawaai;
b. geluidreducerende maatregelen aan de constructie van een weg of een spoorweg;
c. afschermende maatregelen tegen wegverkeerslawaai;
d. afschermende maatregelen tegen spoorweglawaai;
e. geluidwerende maatregelen aan saneringsobjecten tegen wegverkeerslawaai of spoorweglawaai;
f. maatregelen die strekken tot onttrekking aan de bestemming van woningen en andere geluidsgevoelige gebouwen.
2. Vervallen.
3. De Minister kan de subsidie, bedoeld in het eerste lid, onder b en d, en – voor zover het spoorweglawaai betreft – e, op aanvraag aan de spoorwegexploitant verlenen, indien de maatregelen worden uitgevoerd onder diens verantwoordelijkheid.
4. De Minister kan de subsidie, bedoeld in het eerste lid op aanvraag aan het provinciebestuur verlenen, indien de maatregelen worden uitgevoerd onder diens verantwoordelijkheid.
a. verkeersmaatregelen tegen wegverkeerslawaai;
b. geluidreducerende maatregelen aan de constructie van een weg of een spoorweg;
c. afschermende maatregelen tegen wegverkeerslawaai;
d. afschermende maatregelen tegen spoorweglawaai;
e. geluidwerende maatregelen aan saneringsobjecten tegen wegverkeerslawaai of spoorweglawaai;
f. maatregelen die strekken tot onttrekking aan de bestemming van woningen en andere geluidsgevoelige gebouwen.
2. Vervallen.
3. De Minister kan de subsidie, bedoeld in het eerste lid, onder b en d, en – voor zover het spoorweglawaai betreft – e, op aanvraag aan de spoorwegexploitant verlenen, indien de maatregelen worden uitgevoerd onder diens verantwoordelijkheid.
4. De Minister kan de subsidie, bedoeld in het eerste lid op aanvraag aan het provinciebestuur verlenen, indien de maatregelen worden uitgevoerd onder diens verantwoordelijkheid.