BWBR0020698
Geldig vanaf 01-01-2007
Artikel 5
Beleidsregel partieel gebruik van de standaardbenadering onder de IRB
1. Indien de naar kredietrisico gewogen posten van het totaal aan vorderingen waarvoor toestemming wordt gevraagd om deze buiten de IRB te houden, structureel meer bedraagt dan 10% van de totale naar kredietrisico gewogen posten, verzamelt de aanvrager voor die vorderingen die te zijner tijd als eerste onder de IRB zullen worden gebracht, de volgende gegevens:
a. voor vorderingen die onder de categorieën, genoemd in artikel 71, eerste lid, onderdelen a, b of c, van het Besluit vallen: de gegevens genoemd in artikel 3:74, tweede lid, onderdelen e en f, van de Regeling, en de gegevens bedoeld in artikel 3:74, vierde lid, onderdelen e en g, van de Regeling, voor zover deze betrekking hebben op gerealiseerde wanbetalingen;
b. voor vorderingen die onder de categorie, genoemd in artikel 71, eerste lid, onderdeel d, van het Besluit vallen: de gegevens, genoemd in artikel 3:75, tweede lid, onderdelen c, d en e, van de Regeling, voor zover deze betrekking hebben op gerealiseerde wanbetalingen.
2. In afwijking van het vorige lid, kan de aanvrager er voor kiezen om vanaf implementatie permanent voor grotere onderdelen ten aanzien waarvan de in artikel 76, eerste lid, onderdeel b van het Besluit bedoelde toestemming is verleend de in het vorige lid bedoelde gegevens te verzamelen.
a. voor vorderingen die onder de categorieën, genoemd in artikel 71, eerste lid, onderdelen a, b of c, van het Besluit vallen: de gegevens genoemd in artikel 3:74, tweede lid, onderdelen e en f, van de Regeling, en de gegevens bedoeld in artikel 3:74, vierde lid, onderdelen e en g, van de Regeling, voor zover deze betrekking hebben op gerealiseerde wanbetalingen;
b. voor vorderingen die onder de categorie, genoemd in artikel 71, eerste lid, onderdeel d, van het Besluit vallen: de gegevens, genoemd in artikel 3:75, tweede lid, onderdelen c, d en e, van de Regeling, voor zover deze betrekking hebben op gerealiseerde wanbetalingen.
2. In afwijking van het vorige lid, kan de aanvrager er voor kiezen om vanaf implementatie permanent voor grotere onderdelen ten aanzien waarvan de in artikel 76, eerste lid, onderdeel b van het Besluit bedoelde toestemming is verleend de in het vorige lid bedoelde gegevens te verzamelen.
- Citeren als
- Art. 5
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0020698
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl