BWBR0020455
Geldig vanaf 2006-11-02
Artikel 2
Beleidsregel tijdelijk bewijsschrift taxi
1. Bij niet-naleving van de verplichtingen, bedoeld in artikel 75, eerste tot en met het derde lid van het besluit, zal worden afgezien van toepassing van artikel 93 van de Wet personenvervoer 2000, indien de bestuurder van een auto waarmee taxivervoer wordt verricht in het bezit is van een geldig, behoorlijk leesbaar, tijdelijk bewijsschrift en dit aanwezig houdt in die auto.
2. De bestuurder van een auto die uitsluitend beperkte taxidiensten verricht als bedoeld in artikel 1, onderdeel b, van de regelingkan in plaats van het in het eerste lid bedoelde tijdelijke bewijsschrift volstaan met het in het bezit hebben en het aanwezig houden in die auto van een tijdelijk bewijsschrift onder beperkingen.
3. Het tijdelijk bewijsschrift en het tijdelijk bewijsschrift onder beperkingen zijn geldig voor een periode van vier weken, gerekend vanaf de datum van verstrekking.
2. De bestuurder van een auto die uitsluitend beperkte taxidiensten verricht als bedoeld in artikel 1, onderdeel b, van de regelingkan in plaats van het in het eerste lid bedoelde tijdelijke bewijsschrift volstaan met het in het bezit hebben en het aanwezig houden in die auto van een tijdelijk bewijsschrift onder beperkingen.
3. Het tijdelijk bewijsschrift en het tijdelijk bewijsschrift onder beperkingen zijn geldig voor een periode van vier weken, gerekend vanaf de datum van verstrekking.