BWBR0020106
Geldig vanaf 2006-07-22
Artikel 2
Tijdelijke subsidieregeling innovatie openbaar bestuur 2006
1. De Minister kan subsidies verstrekken ter stimulering van het uitvoeren van een experiment.
2. Voor een subsidie komen in aanmerking: ministeries, provincies, gemeenten, waterschappen, Hoge Colleges van Staat en zelfstandige bestuursorganen.
3. Voor de uitvoering van deze regeling geldt een per begrotingsjaar door de Minister vast te stellen subsidieplafond.
4. De subsidies worden namens de Minister verstrekt door de Commissie.
5. De Commissie beoordeelt de ingediende aanvragen, bepaalt welke aanvragen zij honoreert en wat de hoogte van de subsidies is.
6. De subsidie bedraagt ten hoogste 50% van de geraamde kosten van een experiment, of een onderdeel daarvan.
7. In bijzondere gevallen kan de Commissie een subsidie verstrekken tot een hoger percentage dan 50% van de geraamde kosten van een experiment.
2. Voor een subsidie komen in aanmerking: ministeries, provincies, gemeenten, waterschappen, Hoge Colleges van Staat en zelfstandige bestuursorganen.
3. Voor de uitvoering van deze regeling geldt een per begrotingsjaar door de Minister vast te stellen subsidieplafond.
4. De subsidies worden namens de Minister verstrekt door de Commissie.
5. De Commissie beoordeelt de ingediende aanvragen, bepaalt welke aanvragen zij honoreert en wat de hoogte van de subsidies is.
6. De subsidie bedraagt ten hoogste 50% van de geraamde kosten van een experiment, of een onderdeel daarvan.
7. In bijzondere gevallen kan de Commissie een subsidie verstrekken tot een hoger percentage dan 50% van de geraamde kosten van een experiment.