BWBR0019974
Geldig vanaf 27-04-2008
Artikel 3
Besluit bloedonderzoek Newcastle Disease (PPE) 2006
1. Ter uitvoering van het in artikel 2, tweede lid, van de verordening bedoelde onderzoek van bloedmonsters, zorgt de ondernemer ervoor dat indien hij vleeskuikens of vleeskalkoenen houdt, bloed wordt afgenomen van ten minste 30 willekeurig gekozen dieren per koppel en van ten minste 5 dieren per stal.
2. Bij vleeskuikens dient het bloedonderzoek plaats te vinden op een leeftijd van vier tot zes weken.
3. Bij vleeskuikens van 70 dagen en ouder vindt bloedonderzoek plaats in de leeftijd van 10 weken, tenzij het betreffende koppel sinds de geboorte steeds met tussenpozen van ten hoogste 6 weken door een dierenarts is gevaccineerd met een levende entstof en die vaccinaties door middel van een spray of aërosol zijn uitgevoerd.
4. Bij vleeskalkoenen dient het bloedonderzoek plaats te vinden:
a. vanaf een leeftijd van dertien weken en
b. maximaal 20 dagen voorafgaand aan een verplaatsing van een koppel van het ene pluimveebedrijf naar het andere pluimveebedrijf, voor zover het te verplaatsen koppel een leeftijd heeft van 28 dagen of ouder en het onder a. bedoelde onderzoek nog niet heeft plaatsgevonden.
5. De te onderzoeken monsters dienen, vergezeld van een ingevuld en ondertekend formulier overeenkomstig het in de bijlage bij dit besluit gevoegde model, voor onderzoek te worden gezonden naar aan een door het bestuur aangewezen laboratorium.
2. Bij vleeskuikens dient het bloedonderzoek plaats te vinden op een leeftijd van vier tot zes weken.
3. Bij vleeskuikens van 70 dagen en ouder vindt bloedonderzoek plaats in de leeftijd van 10 weken, tenzij het betreffende koppel sinds de geboorte steeds met tussenpozen van ten hoogste 6 weken door een dierenarts is gevaccineerd met een levende entstof en die vaccinaties door middel van een spray of aërosol zijn uitgevoerd.
4. Bij vleeskalkoenen dient het bloedonderzoek plaats te vinden:
a. vanaf een leeftijd van dertien weken en
b. maximaal 20 dagen voorafgaand aan een verplaatsing van een koppel van het ene pluimveebedrijf naar het andere pluimveebedrijf, voor zover het te verplaatsen koppel een leeftijd heeft van 28 dagen of ouder en het onder a. bedoelde onderzoek nog niet heeft plaatsgevonden.
5. De te onderzoeken monsters dienen, vergezeld van een ingevuld en ondertekend formulier overeenkomstig het in de bijlage bij dit besluit gevoegde model, voor onderzoek te worden gezonden naar aan een door het bestuur aangewezen laboratorium.
- Citeren als
- Art. 3
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0019974
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl