BWBR0019939
Geldig vanaf 2006-06-17
Artikel 4
Regeling Procedure Huisvesting Internationale Organisaties 2006
1. De Minister, in overeenstemming met de Minister wie het aangaat, kan de dienst verzoeken om die Minister of de internationale organisatie te adviseren betreffende de huisvesting.
2. In geval van advisering aan de Minister wie het aangaat zijn de AVR van toepassing. De kosten van de hier bedoelde advisering zijn voor rekening van de Minister wie het aangaat.
3. In geval van advisering aan de internationale organisatie is het Nederlands recht van toepassing. De dienst komt advisering overeen op basis van de AeVR, tenzij de Minister wie het aangaat instemt met de voorkeur van de internationale organisatie om andere algemene voorwaarden van toepassing te laten zijn en die algemene voorwaarden niet strijdig zijn met het Nederlandse recht.
4. De kosten van de in het voorgaande lid bedoelde advisering zijn voor rekening van de internationale organisatie.
5. De dienst rapporteert aangaande de advisering aan de Minister wie het aangaat en aan de internationale organisatie tenzij daarover in de adviesopdracht afwijkend is bepaald.
6. De adviesopdracht en de daaruit voortvloeiende rapportage geschieden in de Nederlandse of de Engelse taal, waarbij in geval van tegenstrijdigheid tussen twee taalversies de Nederlandse taalversie prevaleert.
2. In geval van advisering aan de Minister wie het aangaat zijn de AVR van toepassing. De kosten van de hier bedoelde advisering zijn voor rekening van de Minister wie het aangaat.
3. In geval van advisering aan de internationale organisatie is het Nederlands recht van toepassing. De dienst komt advisering overeen op basis van de AeVR, tenzij de Minister wie het aangaat instemt met de voorkeur van de internationale organisatie om andere algemene voorwaarden van toepassing te laten zijn en die algemene voorwaarden niet strijdig zijn met het Nederlandse recht.
4. De kosten van de in het voorgaande lid bedoelde advisering zijn voor rekening van de internationale organisatie.
5. De dienst rapporteert aangaande de advisering aan de Minister wie het aangaat en aan de internationale organisatie tenzij daarover in de adviesopdracht afwijkend is bepaald.
6. De adviesopdracht en de daaruit voortvloeiende rapportage geschieden in de Nederlandse of de Engelse taal, waarbij in geval van tegenstrijdigheid tussen twee taalversies de Nederlandse taalversie prevaleert.