BWBR0019759
Geldig vanaf 2009-11-04
Artikel 3
Regeling instemming deelname aan Kyoto-projectactiviteiten
1. Bij een verzoek om instemming met deelname aan een JI-projectactiviteit als bedoeld in artikel 16.46c, derde lid, van de wetworden de in artikel 2, tweede lid, bedoelde bescheiden overgelegd, met dien verstande dat in plaats van de in artikel 2, tweede lid, onder d, onder 1°, genoemde entiteit wordt gelezen: een door de algemene vergadering van de Partijen bij het Protocol van Kyoto volgens de procedure, bedoeld in sectie E van de Richtlijnen voor de implementatie van artikel 6 van het Protocol van Kyoto, geaccrediteerdeentiteit voor het valideren van projectactiviteiten. Bij het verzoek worden tevens de volgende gegevens verstrekt:
a. in het geval op de projectactiviteit de procedure, bedoeld in sectie E van de Richtlijnen voor de implementatie van artikel 6 van het Protocol van Kyoto, wordt toegepast: de naam van de projectactiviteit alsmede de website en de datum waarop het ontwerp van de activiteit voor inspraak is gepubliceerd overeenkomstig artikel 32 van die richtlijnen;
b. in het geval op de projectactiviteit niet de onder a bedoelde procedure wordt toegepast: de naam van de projectactiviteit.
2. Indien het eerste lid, onder b, van toepassing is, wordt bij het verzoek tevens een afschrift overgelegd van de instemmende beslissing van de bevoegde autoriteit van het land waar de projectactiviteit plaatsvindt.
a. in het geval op de projectactiviteit de procedure, bedoeld in sectie E van de Richtlijnen voor de implementatie van artikel 6 van het Protocol van Kyoto, wordt toegepast: de naam van de projectactiviteit alsmede de website en de datum waarop het ontwerp van de activiteit voor inspraak is gepubliceerd overeenkomstig artikel 32 van die richtlijnen;
b. in het geval op de projectactiviteit niet de onder a bedoelde procedure wordt toegepast: de naam van de projectactiviteit.
2. Indien het eerste lid, onder b, van toepassing is, wordt bij het verzoek tevens een afschrift overgelegd van de instemmende beslissing van de bevoegde autoriteit van het land waar de projectactiviteit plaatsvindt.