BWBR0019688
Geldig vanaf 2006-05-31
Artikel 5
Subsidieregeling Huygens Scholarship Programme
1. Het subsidiebedrag voor de student, bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel a, bedraagt de som van een door de minister te bepalen bedrag als tegemoetkoming in:
a. het collegegeld dat de student aan de instelling verschuldigd is;
b. de eenmalige reiskosten van en naar het land van herkomst;
c. de kosten voor levensonderhoud;
d. de leges die de student verschuldigd is; en
e. de kosten voor de ziektekostenverzekering die de student moet afsluiten.
2. Het subsidiebedrag voor de student, bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel b, bedraagt de som van een door de minister te bepalen bedrag als tegemoetkoming in:
a. het collegegeld dat de student aan de buitenlandse instelling verschuldigd is;
b. de eenmalige reiskosten van en naar het land van vestiging van de buitenlandse instelling;
c. de kosten voor levensonderhoud; en
d. de leges die de student verschuldigd is.
3. Het subsidiebedrag voor een promovendus bedraagt de som van een door de minister te bepalen bedrag als tegemoetkoming in de:
a. eenmalige reiskosten van en naar het land van herkomst;
b. kosten voor levensonderhoud;
c. leges die de promovendus verschuldigd is;
d. kosten voor de ziektekostenverzekering die de promovendus moet afsluiten; en
e. in het onderzoeksvoorstel geraamde kosten voor het uitvoeren van het promotieonderzoek.
a. het collegegeld dat de student aan de instelling verschuldigd is;
b. de eenmalige reiskosten van en naar het land van herkomst;
c. de kosten voor levensonderhoud;
d. de leges die de student verschuldigd is; en
e. de kosten voor de ziektekostenverzekering die de student moet afsluiten.
2. Het subsidiebedrag voor de student, bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel b, bedraagt de som van een door de minister te bepalen bedrag als tegemoetkoming in:
a. het collegegeld dat de student aan de buitenlandse instelling verschuldigd is;
b. de eenmalige reiskosten van en naar het land van vestiging van de buitenlandse instelling;
c. de kosten voor levensonderhoud; en
d. de leges die de student verschuldigd is.
3. Het subsidiebedrag voor een promovendus bedraagt de som van een door de minister te bepalen bedrag als tegemoetkoming in de:
a. eenmalige reiskosten van en naar het land van herkomst;
b. kosten voor levensonderhoud;
c. leges die de promovendus verschuldigd is;
d. kosten voor de ziektekostenverzekering die de promovendus moet afsluiten; en
e. in het onderzoeksvoorstel geraamde kosten voor het uitvoeren van het promotieonderzoek.