BWBR0019560
Geldig vanaf 23-04-2006
Artikel 9
Verordening welzijnsnormen konijnen (PPE) 2006
1. De konijnenhouder houdt in zijn administratie maandelijks nauwgezet de volgende gegevens bij:
a. het aantal levend geboren konijnen;
b. het aantal konijnen dat gespeend wordt;
c. het aantal voedsters, vleeskonijnen, fokrammen en opfokkonijnen dat van buiten het bedrijf van de konijnenhouder wordt aangevoerd;
d. het uitvalpercentage van voedsters en opfokkonijnen gezamenlijk en het uitvalpercentage van vleeskonijnen;
e. het aantal voedsters, vleeskonijnen, fokrammen en opfokkonijnen dat levend wordt afgevoerd;
f. de al dan niet op advies van of door een dierenarts verstrekte preventieve of curatieve medicaties of vaccinaties;
g. de uitgevoerde ingrepen;
h. eventuele calamiteiten.
2. De konijnenhouder voert een zodanige administratie, dat de gegevens, genoemd in het eerste lid, te allen tijde op een eenvoudige wijze kunnen worden gekend.
a. het aantal levend geboren konijnen;
b. het aantal konijnen dat gespeend wordt;
c. het aantal voedsters, vleeskonijnen, fokrammen en opfokkonijnen dat van buiten het bedrijf van de konijnenhouder wordt aangevoerd;
d. het uitvalpercentage van voedsters en opfokkonijnen gezamenlijk en het uitvalpercentage van vleeskonijnen;
e. het aantal voedsters, vleeskonijnen, fokrammen en opfokkonijnen dat levend wordt afgevoerd;
f. de al dan niet op advies van of door een dierenarts verstrekte preventieve of curatieve medicaties of vaccinaties;
g. de uitgevoerde ingrepen;
h. eventuele calamiteiten.
2. De konijnenhouder voert een zodanige administratie, dat de gegevens, genoemd in het eerste lid, te allen tijde op een eenvoudige wijze kunnen worden gekend.
- Citeren als
- Art. 9
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0019560
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl