BWBR0019014
Geldig vanaf 2006-01-01
Artikel 2
Regeling overleg exceptioneel transport
1. Als wegbeheerders of representatieve organisaties als bedoeld in artikel 7, eerste lid, onderdeel e, van het Besluit ontheffingverlening exceptionele transportenworden aangewezen:
a. voor wegen onder het beheer van het Rijk, het Ministerie van Verkeer en Waterstaat, voor deze, het Directoraat-Generaal Rijkswaterstaat;
b. voor wegen onder het beheer van de provincies, het Interprovinciaal Overleg;
c. voor wegen onder het beheer van waterschappen, de Unie van Waterschappen;
d. voor overige wegen, de Vereniging van Nederlandse Gemeenten.
2. Als representatieve organisaties van de betrokken branches van het bedrijfsleven als bedoeld in artikel 7, eerste lid, onderdeel f, van het Besluit ontheffingverlening exceptionele transportenworden aangewezen:
a. Vereniging CUMELA Nederland;
b. Vereniging EVO;
c. Vereniging Transport en Logistiek Nederland;
d. Vereniging Verticaal Transport.
3. Als representatieve organisatie van transportbegeleiders als bedoeld in artikel 7, eerste lid, onderdeel g, van het Besluit ontheffingverlening exceptionele transportenwordt aangewezen: de Vereniging Transportbegeleiders.
4. Ten behoeve van een overleg als bedoeld in artikel 1, tweede lid, wordt voorts de representatieve overkoepelende organisaties van de volgende nationale belangen de gelegenheid geboden als agendalid alle stukken te ontvangen en zich, indien voor hen relevante onderwerpen aan de orde zijn, voor dat onderwerp bij de vergadering te voegen:
a. ten hoogste twee vertegenwoordigers van het belang verkeersveiligheid;
b. ten hoogste twee vertegenwoordigers van het belang andere transportmodaliteiten.
5. De in het eerste tot en met het vierde lid aangewezen organisaties wijzen ten behoeve van het overleg een vertegenwoordiger aan. Daarbij kan worden voorzien in de aanwijzing van één of meer plaatsvervangers.
a. voor wegen onder het beheer van het Rijk, het Ministerie van Verkeer en Waterstaat, voor deze, het Directoraat-Generaal Rijkswaterstaat;
b. voor wegen onder het beheer van de provincies, het Interprovinciaal Overleg;
c. voor wegen onder het beheer van waterschappen, de Unie van Waterschappen;
d. voor overige wegen, de Vereniging van Nederlandse Gemeenten.
2. Als representatieve organisaties van de betrokken branches van het bedrijfsleven als bedoeld in artikel 7, eerste lid, onderdeel f, van het Besluit ontheffingverlening exceptionele transportenworden aangewezen:
a. Vereniging CUMELA Nederland;
b. Vereniging EVO;
c. Vereniging Transport en Logistiek Nederland;
d. Vereniging Verticaal Transport.
3. Als representatieve organisatie van transportbegeleiders als bedoeld in artikel 7, eerste lid, onderdeel g, van het Besluit ontheffingverlening exceptionele transportenwordt aangewezen: de Vereniging Transportbegeleiders.
4. Ten behoeve van een overleg als bedoeld in artikel 1, tweede lid, wordt voorts de representatieve overkoepelende organisaties van de volgende nationale belangen de gelegenheid geboden als agendalid alle stukken te ontvangen en zich, indien voor hen relevante onderwerpen aan de orde zijn, voor dat onderwerp bij de vergadering te voegen:
a. ten hoogste twee vertegenwoordigers van het belang verkeersveiligheid;
b. ten hoogste twee vertegenwoordigers van het belang andere transportmodaliteiten.
5. De in het eerste tot en met het vierde lid aangewezen organisaties wijzen ten behoeve van het overleg een vertegenwoordiger aan. Daarbij kan worden voorzien in de aanwijzing van één of meer plaatsvervangers.