BWBR0018627
Geldig vanaf 2005-11-13
Artikel 4
Regeling Commissie van Toezicht uitzettingen Koninklijke Marechaussee
1. Een lid van de commissie wordt door de Minister van Defensie tussentijds ontslagen:
a. Op eigen verzoek;
b. Bij de aanvaarding van een ambt of betrekking, onverenigbaar met het lidmaatschap van de commissie;
c. Wanneer hij naar het oordeel van de Minister van Defensie of van de Minister voor Vreemdelingenzaken en Integratie door handelen of nalaten ernstig nadeel toebrengt aan het in hem gestelde vertrouwen.
2. Aan een lid kan door de Minister van Defensie tussentijds ontslag worden verleend bij het verlies van de hoedanigheid of beëindiging van de ambtsvervulling in verband waarmee de benoeming heeft plaatsgevonden.
3. Hangende de procedure voor ontslag kan de Minister van Defensie het lid in de uitoefening van zijn functie schorsen.
a. Op eigen verzoek;
b. Bij de aanvaarding van een ambt of betrekking, onverenigbaar met het lidmaatschap van de commissie;
c. Wanneer hij naar het oordeel van de Minister van Defensie of van de Minister voor Vreemdelingenzaken en Integratie door handelen of nalaten ernstig nadeel toebrengt aan het in hem gestelde vertrouwen.
2. Aan een lid kan door de Minister van Defensie tussentijds ontslag worden verleend bij het verlies van de hoedanigheid of beëindiging van de ambtsvervulling in verband waarmee de benoeming heeft plaatsgevonden.
3. Hangende de procedure voor ontslag kan de Minister van Defensie het lid in de uitoefening van zijn functie schorsen.