BWBR0018608
Geldig vanaf 2005-12-01
Artikel 14
Besluit aanbestedingen speciale sectoren
1. Een aanbestedende dienst baseert de berekening van de geraamde waarde van een opdracht op het totale bedrag, exclusief omzetbelasting. Bij deze berekening wordt rekening gehouden met het geraamde totaalbedrag, met inbegrip van de eventuele opties en eventuele verlengingen van het contract.
2. Wanneer de aanbestedende dienst voorziet in prijzengeld of betalingen aan gegadigden of inschrijvers, berekent zij deze door in de geraamde waarde van de opdracht.
3. Een aanbestedende dienst onttrekt zich niet aan dit besluit door voorgenomen werken of voorgenomen aankopen ter verkrijging van bepaalde hoeveelheden leveringen of diensten te splitsen of bijzondere regels te gebruiken voor de berekening van de geraamde waarde van de opdrachten.
4. Bij de berekening van de waarde van een raamovereenkomst of een dynamisch aankoopsysteemgaat de aanbestedende dienst uit van de geraamde maximale waarde, exclusief omzetbelasting, van alle voor de totale duur van de raamovereenkomst of van het dynamisch aankoopsysteem voorgenomen opdrachten.
5. Voor de toepassing van artikel 13, houdt een aanbestedende dienst bij de bepaling van de geraamde waarde van opdrachten voor de uitvoering van werken rekening met de waarde van het werk en van alle leveringen of diensten die voor de uitvoering van het werk noodzakelijk zijn en door de aanbestedende dienst ter beschikking van de aannemer worden gesteld.
6. Een aanbestedende dienst telt de waarde van leveringen of diensten die niet noodzakelijk zijn voor de uitvoering van een bepaalde opdracht voor de uitvoering van werken, niet bij de waarde van deze opdrachten met de intentie om de verkrijging van deze leveringen of van deze diensten aan de toepassing van dit besluit te onttrekken.
7. Wanneer een voorgenomen werk of een voorgenomen aankoop van diensten aanleiding kan geven tot opdrachten die gelijktijdig in afzonderlijke percelen worden geplaatst, neemt de aanbestedende dienst de geraamde totale waarde van deze percelen als grondslag.
8. Wanneer de samengetelde waarde van de percelen, bedoeld in het zevende lid, gelijk is aan of groter is dan het drempelbedrag, genoemd in artikel 13, past de aanbestedende dienst dit besluit toe op de gunning van elk perceel.
9. Dit besluit is niet van toepassing op percelen als bedoeld in het tiende lid waarvan de geraamde waarde, exclusief omzetbelasting minder bedraagt dan:
a. € 80.000 voor diensten, of
b. € 1 miljoen voor werken,
mits het samengetelde bedrag van de percelen niet meer dan 20 procent van de totale waarde van alle percelen beloopt.
10. Wanneer een voorgenomen verkrijging van homogene leveringen aanleiding kan geven tot opdrachten die gelijktijdig in afzonderlijke percelen worden gegund, neemt de aanbestedende dienst de geraamde totale waarde van deze percelen als grondslag voor de toepassing van artikel 13.
11. Wanneer de samengetelde waarde van de percelen, bedoeld in het tiende lid, gelijk is aan of groter is dan het drempelbedrag, genoemd in artikel 13, past de aanbestedende dienst dit besluit toe op de gunning van elk perceel.
12. Dit besluit is niet van toepassing op percelen als bedoeld in het tiende lid waarvan de geraamde waarde, exclusief omzetbelasting, minder dan € 80.000 bedraagt, mits het samengetelde bedrag van de percelen in kwestie niet meer dan 20 procent van de totale waarde van alle percelen omvat.
13. In het geval van opdrachten voor leveringen of opdrachten voor diensten die met een zekere regelmaat worden verleend of die bestemd zijn om gedurende een bepaalde periode te worden hernieuwd, raamt de aanbestedende dienst de waarde van deze opdracht op de volgende grondslag:
a. de totale reële waarde van de tijdens het voorafgaande boekjaar of tijdens de voorafgaande twaalf maanden gegunde soortgelijke opeenvolgende opdrachten, indien mogelijk gecorrigeerd voor verwachte wijzigingen in hoeveelheid, of waarde gedurende de twaalf maanden volgende op de eerste opdracht, of
b. de geraamde totale waarde van de opeenvolgende opdrachten over de twaalf maanden volgende op de eerste levering of over het boekjaar, indien dit zich over meer dan twaalf maanden uitstrekt.
14. Een aanbestedende dienst raamt de waarde van een opdracht voor diensten en van een opdracht voor leveringen op basis van de totale waarde van de diensten en de leveringen, ongeacht het respectieve aandeel ervan. Deze raming omvat de waarde van de plaatsing en installatie.
15. Voor een opdracht voor leveringen die betrekking heeft op leasing, huur, of huurkoop van producten raamt de aanbestedende dienst de waarde van deze opdracht op de volgende grondslag:
a. bij opdrachten met een vaste looptijd, de totale geraamde waarde voor de gehele looptijd wanneer die ten hoogste twaalf maanden bedraagt, of de totale waarde wanneer de looptijd meer dan twaalf maanden bedraagt met inbegrip van de geraamde restwaarde;
b. bij opdrachten voor onbepaalde duur of waarvan de looptijd niet kan worden bepaald, het maandelijks te betalen bedrag vermenigvuldigd met 48.
16. Een aanbestedende dienst raamt de waarde van een opdracht voor diensten:
a. wanneer het verzekeringsdiensten betreft: de te betalen premie en andere vormen van beloning,
b. wanneer het bankdiensten en andere financiële diensten betreft: honoraria, provisies en rente, en andere vormen van beloning,
c. wanneer het opdrachten betreffende een ontwerp betreft: de te betalen honoraria, provisies en andere vormen van beloning,
d. wanneer het opdrachten betreft waarin geen totale prijs is vermeld en die een vaste looptijd hebben die gelijk is aan of korter is dan 48 maanden: de totale geraamde waarde voor de gehele looptijd, of
e. wanneer het opdrachten betreft waarin geen totale prijs is vermeld en die voor onbepaalde duur zijn of een looptijd hebben die langer is dan 48 maanden: het maandelijks te betalen bedrag vermenigvuldigd met 48.
2. Wanneer de aanbestedende dienst voorziet in prijzengeld of betalingen aan gegadigden of inschrijvers, berekent zij deze door in de geraamde waarde van de opdracht.
3. Een aanbestedende dienst onttrekt zich niet aan dit besluit door voorgenomen werken of voorgenomen aankopen ter verkrijging van bepaalde hoeveelheden leveringen of diensten te splitsen of bijzondere regels te gebruiken voor de berekening van de geraamde waarde van de opdrachten.
4. Bij de berekening van de waarde van een raamovereenkomst of een dynamisch aankoopsysteemgaat de aanbestedende dienst uit van de geraamde maximale waarde, exclusief omzetbelasting, van alle voor de totale duur van de raamovereenkomst of van het dynamisch aankoopsysteem voorgenomen opdrachten.
5. Voor de toepassing van artikel 13, houdt een aanbestedende dienst bij de bepaling van de geraamde waarde van opdrachten voor de uitvoering van werken rekening met de waarde van het werk en van alle leveringen of diensten die voor de uitvoering van het werk noodzakelijk zijn en door de aanbestedende dienst ter beschikking van de aannemer worden gesteld.
6. Een aanbestedende dienst telt de waarde van leveringen of diensten die niet noodzakelijk zijn voor de uitvoering van een bepaalde opdracht voor de uitvoering van werken, niet bij de waarde van deze opdrachten met de intentie om de verkrijging van deze leveringen of van deze diensten aan de toepassing van dit besluit te onttrekken.
7. Wanneer een voorgenomen werk of een voorgenomen aankoop van diensten aanleiding kan geven tot opdrachten die gelijktijdig in afzonderlijke percelen worden geplaatst, neemt de aanbestedende dienst de geraamde totale waarde van deze percelen als grondslag.
8. Wanneer de samengetelde waarde van de percelen, bedoeld in het zevende lid, gelijk is aan of groter is dan het drempelbedrag, genoemd in artikel 13, past de aanbestedende dienst dit besluit toe op de gunning van elk perceel.
9. Dit besluit is niet van toepassing op percelen als bedoeld in het tiende lid waarvan de geraamde waarde, exclusief omzetbelasting minder bedraagt dan:
a. € 80.000 voor diensten, of
b. € 1 miljoen voor werken,
mits het samengetelde bedrag van de percelen niet meer dan 20 procent van de totale waarde van alle percelen beloopt.
10. Wanneer een voorgenomen verkrijging van homogene leveringen aanleiding kan geven tot opdrachten die gelijktijdig in afzonderlijke percelen worden gegund, neemt de aanbestedende dienst de geraamde totale waarde van deze percelen als grondslag voor de toepassing van artikel 13.
11. Wanneer de samengetelde waarde van de percelen, bedoeld in het tiende lid, gelijk is aan of groter is dan het drempelbedrag, genoemd in artikel 13, past de aanbestedende dienst dit besluit toe op de gunning van elk perceel.
12. Dit besluit is niet van toepassing op percelen als bedoeld in het tiende lid waarvan de geraamde waarde, exclusief omzetbelasting, minder dan € 80.000 bedraagt, mits het samengetelde bedrag van de percelen in kwestie niet meer dan 20 procent van de totale waarde van alle percelen omvat.
13. In het geval van opdrachten voor leveringen of opdrachten voor diensten die met een zekere regelmaat worden verleend of die bestemd zijn om gedurende een bepaalde periode te worden hernieuwd, raamt de aanbestedende dienst de waarde van deze opdracht op de volgende grondslag:
a. de totale reële waarde van de tijdens het voorafgaande boekjaar of tijdens de voorafgaande twaalf maanden gegunde soortgelijke opeenvolgende opdrachten, indien mogelijk gecorrigeerd voor verwachte wijzigingen in hoeveelheid, of waarde gedurende de twaalf maanden volgende op de eerste opdracht, of
b. de geraamde totale waarde van de opeenvolgende opdrachten over de twaalf maanden volgende op de eerste levering of over het boekjaar, indien dit zich over meer dan twaalf maanden uitstrekt.
14. Een aanbestedende dienst raamt de waarde van een opdracht voor diensten en van een opdracht voor leveringen op basis van de totale waarde van de diensten en de leveringen, ongeacht het respectieve aandeel ervan. Deze raming omvat de waarde van de plaatsing en installatie.
15. Voor een opdracht voor leveringen die betrekking heeft op leasing, huur, of huurkoop van producten raamt de aanbestedende dienst de waarde van deze opdracht op de volgende grondslag:
a. bij opdrachten met een vaste looptijd, de totale geraamde waarde voor de gehele looptijd wanneer die ten hoogste twaalf maanden bedraagt, of de totale waarde wanneer de looptijd meer dan twaalf maanden bedraagt met inbegrip van de geraamde restwaarde;
b. bij opdrachten voor onbepaalde duur of waarvan de looptijd niet kan worden bepaald, het maandelijks te betalen bedrag vermenigvuldigd met 48.
16. Een aanbestedende dienst raamt de waarde van een opdracht voor diensten:
a. wanneer het verzekeringsdiensten betreft: de te betalen premie en andere vormen van beloning,
b. wanneer het bankdiensten en andere financiële diensten betreft: honoraria, provisies en rente, en andere vormen van beloning,
c. wanneer het opdrachten betreffende een ontwerp betreft: de te betalen honoraria, provisies en andere vormen van beloning,
d. wanneer het opdrachten betreft waarin geen totale prijs is vermeld en die een vaste looptijd hebben die gelijk is aan of korter is dan 48 maanden: de totale geraamde waarde voor de gehele looptijd, of
e. wanneer het opdrachten betreft waarin geen totale prijs is vermeld en die voor onbepaalde duur zijn of een looptijd hebben die langer is dan 48 maanden: het maandelijks te betalen bedrag vermenigvuldigd met 48.