BWBR0018573
Geldig vanaf 2005-07-14
Artikel 7
Tijdelijke regeling natuurbraaksubsidie 2005
1. De subsidie bedraagt € 81,13 per hectare braakgelegd perceel.
2. In afwijking van het eerste lid bedraagt de subsidie € 103,85 per hectare voor een perceel, indien dat perceel op het tijdstip van de subsidieaanvraag ten minste voor het tweede achtereenvolgende verkoopseizoen uit productie is genomen, op dat perceel ten minste sedert 1 september 2004 een vegetatie aanwezig is en dat perceel in 2005 ten minste eenmaal wordt gemaaid.
3. De subsidie wordt verhoogd met een bedrag van € 54,09 per hectare braakgelegd perceel voor zover de breedte daarvan ten hoogste 25 meter bedraagt.
4. Indien de subsidieontvanger voor de percelen waarop de aanvraag betrekking heeft, uit anderen hoofde dan deze regeling van de minister of andere overheidsinstanties subsidie ontvangt met het oog op de bijdrage die deze percelen leveren aan de verbetering dan wel de instandhouding van natuurwaarden, wordt de subsidie op grond van deze regeling zodanig vastgesteld, dat het totaal van de verleende subsidie in geen geval meer bedraagt dan de in het eerste en tweede lid genoemde bedragen per hectare, in voorkomend geval vermeerderd met het in het derde lid genoemde bedrag per hectare.
5. Indien de subsidiebedragen die voortvloeien uit de voor subsidie in aanmerking komende aanvragen het subsidieplafond overschrijden, wordt de in totaal beschikbare subsidie naar rato van de voor subsidie in aanmerking komende oppervlakten over de desbetreffende subsidieontvangers verdeeld.
2. In afwijking van het eerste lid bedraagt de subsidie € 103,85 per hectare voor een perceel, indien dat perceel op het tijdstip van de subsidieaanvraag ten minste voor het tweede achtereenvolgende verkoopseizoen uit productie is genomen, op dat perceel ten minste sedert 1 september 2004 een vegetatie aanwezig is en dat perceel in 2005 ten minste eenmaal wordt gemaaid.
3. De subsidie wordt verhoogd met een bedrag van € 54,09 per hectare braakgelegd perceel voor zover de breedte daarvan ten hoogste 25 meter bedraagt.
4. Indien de subsidieontvanger voor de percelen waarop de aanvraag betrekking heeft, uit anderen hoofde dan deze regeling van de minister of andere overheidsinstanties subsidie ontvangt met het oog op de bijdrage die deze percelen leveren aan de verbetering dan wel de instandhouding van natuurwaarden, wordt de subsidie op grond van deze regeling zodanig vastgesteld, dat het totaal van de verleende subsidie in geen geval meer bedraagt dan de in het eerste en tweede lid genoemde bedragen per hectare, in voorkomend geval vermeerderd met het in het derde lid genoemde bedrag per hectare.
5. Indien de subsidiebedragen die voortvloeien uit de voor subsidie in aanmerking komende aanvragen het subsidieplafond overschrijden, wordt de in totaal beschikbare subsidie naar rato van de voor subsidie in aanmerking komende oppervlakten over de desbetreffende subsidieontvangers verdeeld.