BWBR0018534
Geldig vanaf 2005-07-29
Artikel 6
Besluit subsidies stadseconomie GSB III
1. Een aanvraag tot subsidieverlening wordt door het college van burgemeester en wethouders ingediend bij Onze Minister en gaat vergezeld van het meerjaren ontwikkelingsprogramma.
2. Een aanvraag tot subsidieverlening wordt uiterlijk binnen acht weken na het tijdstip van inwerkingtreding van dit besluit ingediend.
3. Onze Minister geeft een beschikking tot subsidieverlening binnen acht weken na ontvangst van de aanvraag tot subsidieverlening.
4. Een aanvraag tot verlening van de onderscheiden subsidies van het Grotestedenbeleid die door het college van burgemeester en wethouders bij Onze Minister belast met de coördinatie van het Grotestedenbeleid is ingediend, wordt in afwijking van het eerste lid, als een aanvraag tot subsidieverlening krachtens dit besluit aangemerkt voor zover betrekking hebbend op het gemeentelijk beleid inzake het vergroten van de economische kracht.
5. Onze Minister besluit op een aanvraag tot subsidieverlening als bedoeld in het vierde lid, binnen acht weken na inwerkingtreding van dit besluit.
2. Een aanvraag tot subsidieverlening wordt uiterlijk binnen acht weken na het tijdstip van inwerkingtreding van dit besluit ingediend.
3. Onze Minister geeft een beschikking tot subsidieverlening binnen acht weken na ontvangst van de aanvraag tot subsidieverlening.
4. Een aanvraag tot verlening van de onderscheiden subsidies van het Grotestedenbeleid die door het college van burgemeester en wethouders bij Onze Minister belast met de coördinatie van het Grotestedenbeleid is ingediend, wordt in afwijking van het eerste lid, als een aanvraag tot subsidieverlening krachtens dit besluit aangemerkt voor zover betrekking hebbend op het gemeentelijk beleid inzake het vergroten van de economische kracht.
5. Onze Minister besluit op een aanvraag tot subsidieverlening als bedoeld in het vierde lid, binnen acht weken na inwerkingtreding van dit besluit.