BWBR0018506
Geldig vanaf 2010-09-07
Artikel 2
Instellingsregeling Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding
1. De NCTb is onder gezamenlijke verantwoordelijkheid van de Ministers van Justitie en van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties overeenkomstig hun onderscheiden ministeriële bevoegdheden belast met de voorbereiding en uitvoering van het beleid inzake terrorismebestrijding alsmede met taken op het gebied van bewaking en beveiliging ter voorkoming van onder meer terroristische aanslagen.
2. Tot het werkterrein van de NCTb behoren:
a. het zorg dragen voor de ontwikkeling van een helder en eenduidig beleid op het vlak van terrorismebestrijding, daaronder begrepen strategische en internationale beleidsontwikkeling en communicatiestrategie;
b. het regisseren van de samenwerking van de verschillende partijen op het specifieke terrein van terrorismebestrijding via structurele (procesgerichte) en incidentele (actiegerichte) regie en het – mede daardoor – realiseren van een hoge samenwerkingsgraad tussen die partijen;
c. het bijeenbrengen, combineren en veredelen van informatie van inlichtingenverschaffende diensten en bestuurlijke en wetenschappelijke bronnen ten behoeve van integrale analyses en dreigingsbeelden inzake terrorisme;
d. het zorg dragen voor de beveiliging van de burgerluchtvaart tegen met name terrorisme;
e. het toezicht op de inrichting van de keten van de beveiliging van de burgerluchtvaart en het toezicht op de kwaliteit van de beveiliging van de burgerluchtvaart;
f. het onderhouden, uitvoeren en vernieuwen van het nationaal stelsel van bewaken en beveiligen;
g. het regisseren van de voorlichting en woordvoering over terrorismebestrijding.
2. Tot het werkterrein van de NCTb behoren:
a. het zorg dragen voor de ontwikkeling van een helder en eenduidig beleid op het vlak van terrorismebestrijding, daaronder begrepen strategische en internationale beleidsontwikkeling en communicatiestrategie;
b. het regisseren van de samenwerking van de verschillende partijen op het specifieke terrein van terrorismebestrijding via structurele (procesgerichte) en incidentele (actiegerichte) regie en het – mede daardoor – realiseren van een hoge samenwerkingsgraad tussen die partijen;
c. het bijeenbrengen, combineren en veredelen van informatie van inlichtingenverschaffende diensten en bestuurlijke en wetenschappelijke bronnen ten behoeve van integrale analyses en dreigingsbeelden inzake terrorisme;
d. het zorg dragen voor de beveiliging van de burgerluchtvaart tegen met name terrorisme;
e. het toezicht op de inrichting van de keten van de beveiliging van de burgerluchtvaart en het toezicht op de kwaliteit van de beveiliging van de burgerluchtvaart;
f. het onderhouden, uitvoeren en vernieuwen van het nationaal stelsel van bewaken en beveiligen;
g. het regisseren van de voorlichting en woordvoering over terrorismebestrijding.