BWBR0018381
Geldig vanaf 2005-06-15
Artikel 6
Subsidieregeling programmafinanciering EV-beleid voor andere overheden 2006–2010
1. Als subsidiabele kosten worden in aanmerking genomen de volgende noodzakelijke, rechtstreeks aan de uitvoering van het provinciaal programma toe te rekenen en door de aanvrager tot subsidieverlening gemaakte en betaalde uitvoeringskosten:
a. loonkosten van het bij de uitvoering van het provinciaal programma direct betrokken personeel, berekend op basis van het brutoloon volgens de loonstaat van de betrokken medewerkers, verhoogd met de wettelijke of op grond van een collectieve arbeidsovereenkomst verschuldigde opslagen voor sociale lasten, met dien verstande dat wordt uitgegaan van een uurloon, berekend op basis van het jaarloon bij een volledige betrekking, gedeeld door 1350;
b. een opslag voor eigen algemene kosten, groot 25% van de loonkosten, bedoeld in onderdeel a;
c. aan derden verschuldigde kosten ter zake van door hen verleende diensten en ter zake van verwerving van kennis en intellectuele eigendomsrechten, alsmede ter zake van bescherming van die rechten, exclusief winstopslagen bij transacties binnen de bij de programmafinanciering betrokken partijen.
2. Indien geen loonkosten als bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, worden gemaakt, maar niettemin arbeid ten behoeve van het project uit het provinciaal programma wordt verricht, kan het Ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer daarvoor een redelijk bedrag vaststellen dat als uitvoeringskosten in aanmerking wordt genomen.
3. In afwijking van het eerste lid, onderdelen a en b, mag de berekening:
a. van het uurloon en de vaststelling van het opslagpercentage voor algemene kosten met inbegrip van indirecte loonkosten en kosten van toezichthoudend personeel, geschieden overeenkomstig een voor de gehele organisatie van de aanvrager tot subsidieverlening geldende en controleerbare methodiek, waarbij geen sprake is van een winstopslag, en
b. van de uitvoeringskosten worden bepaald op basis van de kostprijs van de in deze regeling op te nemen EV-producten, waarbij de EV-producten die hiervoor in aanmerking komen en de kostprijs van die producten jaarlijks worden vastgesteld en waarbij de kostprijs jaarlijks zal worden aangepast aan het dan geldende prijspeil.
a. loonkosten van het bij de uitvoering van het provinciaal programma direct betrokken personeel, berekend op basis van het brutoloon volgens de loonstaat van de betrokken medewerkers, verhoogd met de wettelijke of op grond van een collectieve arbeidsovereenkomst verschuldigde opslagen voor sociale lasten, met dien verstande dat wordt uitgegaan van een uurloon, berekend op basis van het jaarloon bij een volledige betrekking, gedeeld door 1350;
b. een opslag voor eigen algemene kosten, groot 25% van de loonkosten, bedoeld in onderdeel a;
c. aan derden verschuldigde kosten ter zake van door hen verleende diensten en ter zake van verwerving van kennis en intellectuele eigendomsrechten, alsmede ter zake van bescherming van die rechten, exclusief winstopslagen bij transacties binnen de bij de programmafinanciering betrokken partijen.
2. Indien geen loonkosten als bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, worden gemaakt, maar niettemin arbeid ten behoeve van het project uit het provinciaal programma wordt verricht, kan het Ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer daarvoor een redelijk bedrag vaststellen dat als uitvoeringskosten in aanmerking wordt genomen.
3. In afwijking van het eerste lid, onderdelen a en b, mag de berekening:
a. van het uurloon en de vaststelling van het opslagpercentage voor algemene kosten met inbegrip van indirecte loonkosten en kosten van toezichthoudend personeel, geschieden overeenkomstig een voor de gehele organisatie van de aanvrager tot subsidieverlening geldende en controleerbare methodiek, waarbij geen sprake is van een winstopslag, en
b. van de uitvoeringskosten worden bepaald op basis van de kostprijs van de in deze regeling op te nemen EV-producten, waarbij de EV-producten die hiervoor in aanmerking komen en de kostprijs van die producten jaarlijks worden vastgesteld en waarbij de kostprijs jaarlijks zal worden aangepast aan het dan geldende prijspeil.