BWBR0017995
Geldig vanaf 2005-03-30
Artikel 3
Besluit reken- en procedureregels waardeoverdracht
1. De rechthebbende die overweegt gebruik te maken van zijn recht op waardeoverdracht verzoekt het overnemende uitvoeringsorgaan een opgave als bedoeld in artikel 4te verstrekken:
a. binnen zes maanden na de aanvangsdatum van de deelname aan een pensioenregeling;
b. binnen zes maanden na de datum van beëindiging van een van de deelnames in geval van gelijktijdige deelname aan meerdere pensioenregelingen als bedoeld in artikel 1, onderdeel j.
2. De rechthebbende kan voor het einde van de termijn, genoemd in artikel 7, eerste lid, verzoeken om een aanvullende opgave voor het geval de waarde van het nabestaandenpensioen niet wordt overgedragen. De termijnen genoemd in de artikelen 4 tot en met 7, eerste lid, zijn van overeenkomstige toepassing.
a. binnen zes maanden na de aanvangsdatum van de deelname aan een pensioenregeling;
b. binnen zes maanden na de datum van beëindiging van een van de deelnames in geval van gelijktijdige deelname aan meerdere pensioenregelingen als bedoeld in artikel 1, onderdeel j.
2. De rechthebbende kan voor het einde van de termijn, genoemd in artikel 7, eerste lid, verzoeken om een aanvullende opgave voor het geval de waarde van het nabestaandenpensioen niet wordt overgedragen. De termijnen genoemd in de artikelen 4 tot en met 7, eerste lid, zijn van overeenkomstige toepassing.