BWBR0017971
Geldig vanaf 2005-02-10
Artikel 1
Regeling vliegtoelage ambtenaar-vlieger
1. In deze regeling wordt verstaan onder:
a. ambtenaar-vlieger: inspecteurvlieger of testvlieger;
b. Inspecteur-Generaal: de Inspecteur-Generaal Verkeer en Waterstaat;
c. inspecteurvlieger: de ambtenaar, die in het bezit is van één of meer bewijzen van bevoegdheid en bevoegdverklaringen of van een vliegbrevet als genoemd in het tweede lid, in dienst van het Rijk en tewerkgesteld bij de Inspectie Verkeer en Waterstaat, aan wie het uitvoeren van audits bij luchtvaartmaatschappijen als lid van het cockpitpersoneel is opgedragen;
d. testvlieger: de ambtenaar, die in het bezit is van één of meer bewijzen van bevoegdheid en bevoegdverklaringen of van een vliegbrevet als genoemd in het tweede lid, in dienst van het Rijk en tewerkgesteld bij de Inspectie Verkeer en Waterstaat, aan wie het uitvoeren van testvluchten is opgedragen;
e. vliegtoelage: periodieke toeslag als bedoeld in artikel 22a van het Bezoldigingsbesluit Burgerlijke Rijksambtenaren 1984.
2. Voor de inspecteurvlieger gelden de volgende categorieën:
a. Categorie 1: 1° ambtenaren in het bezit van een bewijs van bevoegdheid voor beroepsvlieger (CPL) voorzien van een bevoegdverklaring instrumentvliegen (IR);
2° ambtenaren in het bezit van een groot militair vliegbrevet of een Marine vliegbrevet;
1° ambtenaren in het bezit van een bewijs van bevoegdheid voor beroepsvlieger (CPL) voorzien van een bevoegdverklaring instrumentvliegen (IR);
2° ambtenaren in het bezit van een groot militair vliegbrevet of een Marine vliegbrevet;
b. Categorie 2: 1° ambtenaren in het bezit van een bewijs van bevoegdheid voor beroepsvlieger (CPL) voorzien van een bevoegdverklaring blindvliegen (IR) en een bevoegdverklaring voor een type vliegtuig of helikopter, gecertificeerd voor ten minste twee bestuurders;
2° ambtenaren in het bezit van een bewijs van bevoegdheid voor verkeersvlieger (ATPL);
1° ambtenaren in het bezit van een bewijs van bevoegdheid voor beroepsvlieger (CPL) voorzien van een bevoegdverklaring blindvliegen (IR) en een bevoegdverklaring voor een type vliegtuig of helikopter, gecertificeerd voor ten minste twee bestuurders;
2° ambtenaren in het bezit van een bewijs van bevoegdheid voor verkeersvlieger (ATPL);
c. Categorie 3: ambtenaren in het bezit van een bewijs van bevoegdheid voor verkeersvlieger (ATPL) voorzien van een bevoegdverklaring instrumentvliegen (IR) en een bevoegdverklaring voor een type vliegtuig of helikopter, gecertificeerd voor ten minste twee bestuurders, met een maximale startmassa van minder dan 150.000 kg, dan wel een bewijs van bevoegdheid voor boordwerktuigkundige (CFEL);
d. Categorie 4: ambtenaren in het bezit van een bewijs van bevoegdheid voor verkeersvlieger (ATPL) voorzien van een bevoegdverklaring instrumentvliegen (IR) en een bevoegdverklaring voor een type vliegtuig, gecertificeerd voor ten minste twee bestuurders, met een maximale startmassa van meer dan 150.000 kg.
a. ambtenaar-vlieger: inspecteurvlieger of testvlieger;
b. Inspecteur-Generaal: de Inspecteur-Generaal Verkeer en Waterstaat;
c. inspecteurvlieger: de ambtenaar, die in het bezit is van één of meer bewijzen van bevoegdheid en bevoegdverklaringen of van een vliegbrevet als genoemd in het tweede lid, in dienst van het Rijk en tewerkgesteld bij de Inspectie Verkeer en Waterstaat, aan wie het uitvoeren van audits bij luchtvaartmaatschappijen als lid van het cockpitpersoneel is opgedragen;
d. testvlieger: de ambtenaar, die in het bezit is van één of meer bewijzen van bevoegdheid en bevoegdverklaringen of van een vliegbrevet als genoemd in het tweede lid, in dienst van het Rijk en tewerkgesteld bij de Inspectie Verkeer en Waterstaat, aan wie het uitvoeren van testvluchten is opgedragen;
e. vliegtoelage: periodieke toeslag als bedoeld in artikel 22a van het Bezoldigingsbesluit Burgerlijke Rijksambtenaren 1984.
2. Voor de inspecteurvlieger gelden de volgende categorieën:
a. Categorie 1: 1° ambtenaren in het bezit van een bewijs van bevoegdheid voor beroepsvlieger (CPL) voorzien van een bevoegdverklaring instrumentvliegen (IR);
2° ambtenaren in het bezit van een groot militair vliegbrevet of een Marine vliegbrevet;
1° ambtenaren in het bezit van een bewijs van bevoegdheid voor beroepsvlieger (CPL) voorzien van een bevoegdverklaring instrumentvliegen (IR);
2° ambtenaren in het bezit van een groot militair vliegbrevet of een Marine vliegbrevet;
b. Categorie 2: 1° ambtenaren in het bezit van een bewijs van bevoegdheid voor beroepsvlieger (CPL) voorzien van een bevoegdverklaring blindvliegen (IR) en een bevoegdverklaring voor een type vliegtuig of helikopter, gecertificeerd voor ten minste twee bestuurders;
2° ambtenaren in het bezit van een bewijs van bevoegdheid voor verkeersvlieger (ATPL);
1° ambtenaren in het bezit van een bewijs van bevoegdheid voor beroepsvlieger (CPL) voorzien van een bevoegdverklaring blindvliegen (IR) en een bevoegdverklaring voor een type vliegtuig of helikopter, gecertificeerd voor ten minste twee bestuurders;
2° ambtenaren in het bezit van een bewijs van bevoegdheid voor verkeersvlieger (ATPL);
c. Categorie 3: ambtenaren in het bezit van een bewijs van bevoegdheid voor verkeersvlieger (ATPL) voorzien van een bevoegdverklaring instrumentvliegen (IR) en een bevoegdverklaring voor een type vliegtuig of helikopter, gecertificeerd voor ten minste twee bestuurders, met een maximale startmassa van minder dan 150.000 kg, dan wel een bewijs van bevoegdheid voor boordwerktuigkundige (CFEL);
d. Categorie 4: ambtenaren in het bezit van een bewijs van bevoegdheid voor verkeersvlieger (ATPL) voorzien van een bevoegdverklaring instrumentvliegen (IR) en een bevoegdverklaring voor een type vliegtuig, gecertificeerd voor ten minste twee bestuurders, met een maximale startmassa van meer dan 150.000 kg.