BWBR0016868
Geldig vanaf 2004-06-23
Artikel 5
Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar Waterschappen 2004
De directeur van de Unie van Waterschappen brengt jaarlijks vóór 1 april, over het voorafgaande jaar, met betrekking tot bij de waterschappen werkzame buitengewoon opsporingsambtenaren, aan de Minister van Justitie verslag uit over:
a. het aantal buitengewoon opsporingsambtenaren werkzaam op 31 december van het voorafgaande jaar bij de waterschappen;
b. de door die buitengewoon opsporingsambtenaren verrichte activiteiten;
c. de stand van zaken met betrekking tot de opleiding van die buitengewoon opsporingsambtenaren, waarbij in ieder geval wordt aangegeven hoeveel personen in het verslagjaar zijn aangemeld voor het door de Minister van Justitie goedgekeurd examen en hoeveel personen in dat jaar daarvoor zijn geslaagd.
a. het aantal buitengewoon opsporingsambtenaren werkzaam op 31 december van het voorafgaande jaar bij de waterschappen;
b. de door die buitengewoon opsporingsambtenaren verrichte activiteiten;
c. de stand van zaken met betrekking tot de opleiding van die buitengewoon opsporingsambtenaren, waarbij in ieder geval wordt aangegeven hoeveel personen in het verslagjaar zijn aangemeld voor het door de Minister van Justitie goedgekeurd examen en hoeveel personen in dat jaar daarvoor zijn geslaagd.