BWBR0016526
Geldig vanaf 01-04-2004
Artikel 3
Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar teleservicemedewerkers regiopolitie Utrecht 2004
1. De buitengewoon opsporingsambtenaar is bevoegd tot het opsporen van alle strafbare feiten.
Het gebruik van de hiervoor beschreven opsporingsbevoegdheid dient zich te beperken tot het opnemen van (telefonisch) aangiften, zonder daderindicatie, zonder dat getuigen worden gehoord en gericht op relatief eenvoudige strafbare feiten.
2. De opsporingsbevoegdheid geldt voor het grondgebied van de politieregio Utrecht.
Het gebruik van de hiervoor beschreven opsporingsbevoegdheid dient zich te beperken tot het opnemen van (telefonisch) aangiften, zonder daderindicatie, zonder dat getuigen worden gehoord en gericht op relatief eenvoudige strafbare feiten.
2. De opsporingsbevoegdheid geldt voor het grondgebied van de politieregio Utrecht.
- Citeren als
- Art. 3
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0016526
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl