BWBR0015719
Geldig vanaf 2003-10-18
Artikel 9
Regeling capaciteitsvermindering rondvisvisserij 2003
1. De subsidieontvanger dient binnen vier weken na afloop van de termijn, bedoeld in artikel 8, eerste lid, een aanvraag tot subsidievaststelling in bij de directeur op een daartoe door de directeur vastgesteld formulier.
2. De aanvraag gaat vergezeld van:
a. bescheiden waarmee wordt aangetoond dat aan de in artikel 8, eerste lid, bedoelde verplichtingen is voldaan;
b. het originele exemplaar van de ten aanzien van het betreffende vissersvaartuig toegekende visvergunning, en
c. het originele exemplaar van de aan het vissersvaartuig toegekende licentie.
3. Indien het vissersvaartuig verloren gaat op een tijdstip tussen het moment van subsidieverlening en de subsidievaststelling, wordt de subsidie verminderd met het bedrag van de door de verzekering uitgekeerde vergoeding.
2. De aanvraag gaat vergezeld van:
a. bescheiden waarmee wordt aangetoond dat aan de in artikel 8, eerste lid, bedoelde verplichtingen is voldaan;
b. het originele exemplaar van de ten aanzien van het betreffende vissersvaartuig toegekende visvergunning, en
c. het originele exemplaar van de aan het vissersvaartuig toegekende licentie.
3. Indien het vissersvaartuig verloren gaat op een tijdstip tussen het moment van subsidieverlening en de subsidievaststelling, wordt de subsidie verminderd met het bedrag van de door de verzekering uitgekeerde vergoeding.