BWBR0015414
Geldig vanaf 2003-08-10
Artikel 26
Regeling vervolg verdeling frequenties commerciële radio-omroep 2003
1. Indien een aanvraag betrekking heeft op kavel A8 als kavel voor geclausuleerde landelijke commerciële radio-omroep waarop de aanvraag van een andere aanvrager eveneens betrekking heeft, wordt die kavel in de procedure van vergelijkende toets bedoeld in de artikelen 27, 28en 36betrokken.
2. Indien een aanvraag betrekking heeft op kavel A8 als kavel voor ongeclausuleerde landelijke commerciële radio-omroep waarop de aanvraag van een andere aanvrager eveneens betrekking heeft, wordt die kavel in de procedure van vergelijkende toets bedoeld in de artikelen 29, 30en 37betrokken.
3. Indien een aanvraag betrekking heeft op ten minste één of meer van de kavels B2, B11 en B26 voor niet-landelijke commerciële radio-omroep waarop de aanvraag van een andere aanvrager eveneens betrekking heeft, worden die kavels in de procedure van vergelijkende toets bedoeld in de artikelen 31, 32, 35en 38betrokken.
4. Indien een aanvraag betrekking heeft op ten minste één of meer van de kavels C7, C10 en C11 voor commerciële radio-omroep middengolf waarop de aanvraag van een andere aanvrager eveneens betrekking heeft, worden die kavels in de procedure van vergelijkende toets bedoeld in de artikelen 33 tot en met 35en artikel 39betrokken.
5. Indien de procedure van vergelijkende toets voor niet-landelijke commerciële radio-omroep bedoeld in de artikelen 31, 32, 35en 38niet van toepassing is, krijgt de aanvrager met inachtneming van het bepaalde in de artikelen 2, derde tot en met vijfde lid, en 3, tweede tot en met vijfde lid, de kavels toegewezen op volgorde van voorkeur.
2. Indien een aanvraag betrekking heeft op kavel A8 als kavel voor ongeclausuleerde landelijke commerciële radio-omroep waarop de aanvraag van een andere aanvrager eveneens betrekking heeft, wordt die kavel in de procedure van vergelijkende toets bedoeld in de artikelen 29, 30en 37betrokken.
3. Indien een aanvraag betrekking heeft op ten minste één of meer van de kavels B2, B11 en B26 voor niet-landelijke commerciële radio-omroep waarop de aanvraag van een andere aanvrager eveneens betrekking heeft, worden die kavels in de procedure van vergelijkende toets bedoeld in de artikelen 31, 32, 35en 38betrokken.
4. Indien een aanvraag betrekking heeft op ten minste één of meer van de kavels C7, C10 en C11 voor commerciële radio-omroep middengolf waarop de aanvraag van een andere aanvrager eveneens betrekking heeft, worden die kavels in de procedure van vergelijkende toets bedoeld in de artikelen 33 tot en met 35en artikel 39betrokken.
5. Indien de procedure van vergelijkende toets voor niet-landelijke commerciële radio-omroep bedoeld in de artikelen 31, 32, 35en 38niet van toepassing is, krijgt de aanvrager met inachtneming van het bepaalde in de artikelen 2, derde tot en met vijfde lid, en 3, tweede tot en met vijfde lid, de kavels toegewezen op volgorde van voorkeur.