BWBR0015351
Geldig vanaf 2003-08-01
Artikel 3
Regeling aanvullende bekostiging leerlingen met het syndroom van Down voortgezet onderwijs
1. Een aanvraag voor een aanvullende personele bekostiging als bedoeld in artikel 2, eerste lid, wordt, binnen drie maanden na melding zoals bedoeld in artikel 2, tweede lid, ingediend bij de Dienst Uitvoering Onderwijs, Postbus 606, 2700 ML Zoetermeer. Onder vermelding van: Aanvraag aanvullende personele bekostiging Down Syndroom.
2. De aanvraag geschiedt onder overlegging van:
a. een verklaring van een arts waaruit blijkt dat sprake is van het syndroom van Down;
b. het brinnummer en de naam en het adres van de school;
c. het indicatienummer van de leerling (CvI nummer dat op de indicatiebeschikking van de leerling vermeld staat).
2. De aanvraag geschiedt onder overlegging van:
a. een verklaring van een arts waaruit blijkt dat sprake is van het syndroom van Down;
b. het brinnummer en de naam en het adres van de school;
c. het indicatienummer van de leerling (CvI nummer dat op de indicatiebeschikking van de leerling vermeld staat).