BWBR0015139
Geldig vanaf 2003-06-05
Artikel 3
Regeling subsidies elektronische communicatie
1. De subsidie bedraagt:
a. in geval van een haalbaarheidsstudie: 50 procent van de projectkosten, maar niet meer dan € 160 000;
b. in geval van een demonstratieproject: 25 procent van de projectkosten, maar niet meer dan € 90 000;
c. in geval van een kennisoverdrachtproject: 80 procent van de projectkosten, maar niet meer dan € 135 000.
2. De in het eerste lid genoemde percentages voor een haalbaarheidsstudie of een demonstratieproject worden verhoogd met 10 procent, voor zover de kosten worden gemaakt door een kleine of middelgrote onderneming, onverlet de in het eerste lid genoemde maximumbedragen.
3. Indien ter zake van de projectkosten of een deel daarvan reeds door een ander bestuursorgaan of door de Commissie van de Europese Gemeenschappen subsidie is verstrekt, wordt slechts een zodanig bedrag aan subsidie verstrekt, dat het totale bedrag aan subsidies niet meer bedraagt dan het relevante bedrag dat is genoemd in het eerste lid, noch, uitgedrukt in een percentage van de subsidiabele kosten, meer bedraagt dan het relevante percentage dat is genoemd in het eerste lid en het tweede lid.
a. in geval van een haalbaarheidsstudie: 50 procent van de projectkosten, maar niet meer dan € 160 000;
b. in geval van een demonstratieproject: 25 procent van de projectkosten, maar niet meer dan € 90 000;
c. in geval van een kennisoverdrachtproject: 80 procent van de projectkosten, maar niet meer dan € 135 000.
2. De in het eerste lid genoemde percentages voor een haalbaarheidsstudie of een demonstratieproject worden verhoogd met 10 procent, voor zover de kosten worden gemaakt door een kleine of middelgrote onderneming, onverlet de in het eerste lid genoemde maximumbedragen.
3. Indien ter zake van de projectkosten of een deel daarvan reeds door een ander bestuursorgaan of door de Commissie van de Europese Gemeenschappen subsidie is verstrekt, wordt slechts een zodanig bedrag aan subsidie verstrekt, dat het totale bedrag aan subsidies niet meer bedraagt dan het relevante bedrag dat is genoemd in het eerste lid, noch, uitgedrukt in een percentage van de subsidiabele kosten, meer bedraagt dan het relevante percentage dat is genoemd in het eerste lid en het tweede lid.