BWBR0015026
Geldig vanaf 2003-06-02
Artikel 3
Programma Bilaterale Samenwerking Indonesië; PBSI
Met het aantreden van een democratisch gekozen regering in 1999 is voor Indonesië een nieuw tijdperk aangebroken. Na een periode onder Soekarno waarin de nationale eenheid gestalte kreeg en een lange periode onder Soeharto waarin economische groei en nationale ontwikkeling in een autoritair stelsel centraal stonden, bevindt Indonesië zich thans in een ingrijpend transitieproces dat met vallen en opstaan verloopt. De overgang naar een pluralistische, democratische rechtsstaat met een transparante, marktgeoriënteerde economie vereist vergaande stappen van politieke, maatschappelijke en economische aard.
De Nederlandse ontwikkelingssamenwerkingsrelatie met Indonesië, waarvoor de middelen via de multilaterale kanalen worden ingezet, is afgestemd op ondersteuning van deze `reformasi', hoe moeizaam deze ook verloopt, en op behoud van het maatschappelijke draagvlak voor het transitieproces onder vooral het arme deel van de bevolking. In de Nederlandse visie zijn interne stabiliteit en economisch herstel alleen door voortzetting van dit proces mogelijk.
Wil de `reformasi' succesvol zijn, dan is naast politieke, maatschappelijke en economische stappen een - per definitie tijdrovende - mentaliteitsverandering en/of cultuuromslag nodig. Hierin dient de Indonesische samenleving primair zelf de verantwoordelijkheid te nemen. Andere landen, waaronder Nederland kunnen daaraan zinvolle ondersteuning bieden, met name waar het gaat om het creëren van de noodzakelijke randvoorwaarden voor een succesvol hervormingsbeleid. Met het PBSI wordt beoogd hieraan, in samenhang met het Nederlandse ontwikkelingsprogramma via multilaterale kanalen, een bijdrage te leveren.
De Nederlandse ontwikkelingssamenwerkingsrelatie met Indonesië, waarvoor de middelen via de multilaterale kanalen worden ingezet, is afgestemd op ondersteuning van deze `reformasi', hoe moeizaam deze ook verloopt, en op behoud van het maatschappelijke draagvlak voor het transitieproces onder vooral het arme deel van de bevolking. In de Nederlandse visie zijn interne stabiliteit en economisch herstel alleen door voortzetting van dit proces mogelijk.
Wil de `reformasi' succesvol zijn, dan is naast politieke, maatschappelijke en economische stappen een - per definitie tijdrovende - mentaliteitsverandering en/of cultuuromslag nodig. Hierin dient de Indonesische samenleving primair zelf de verantwoordelijkheid te nemen. Andere landen, waaronder Nederland kunnen daaraan zinvolle ondersteuning bieden, met name waar het gaat om het creëren van de noodzakelijke randvoorwaarden voor een succesvol hervormingsbeleid. Met het PBSI wordt beoogd hieraan, in samenhang met het Nederlandse ontwikkelingsprogramma via multilaterale kanalen, een bijdrage te leveren.