BWBR0014564
Geldig vanaf 2006-12-12
Artikel 5
Regeling uitvoering beveiliging burgerluchtvaart
1. De Minister van Justitie kan, in overeenstemming met de Minister van Verkeer en Waterstaat, bepalen dat ten aanzien van vluchten passagiers en hun handbagage of ruimbagage worden vrijgesteld van controle als bedoeld in artikel 37h, eerste lid en tweede lid van de wet indien zij afkomstig zijn van een ander luchtvaartterrein en aldaar reeds op vergelijkbare wijze zijn gecontroleerd.
2. De Minister van Justitie, in overeenstemming met de Minister van Verkeer en Waterstaat, kan de vrijstelling met onmiddellijke ingang schorsen, intrekken dan wel wijzigen indien er een gerechtvaardigd vermoeden bestaat dat de gronden voor de vrijstelling zijn komen te vervallen.
2. De Minister van Justitie, in overeenstemming met de Minister van Verkeer en Waterstaat, kan de vrijstelling met onmiddellijke ingang schorsen, intrekken dan wel wijzigen indien er een gerechtvaardigd vermoeden bestaat dat de gronden voor de vrijstelling zijn komen te vervallen.