BWBR0014527
Geldig vanaf 2003-01-01
Artikel 2
Regeling goedgekeurde ionisatie-rookmelders 2003
1. Het verbod, bedoeld in artikel 29 van de wet, in samenhang met artikel 25, eerste lid, van het Besluit stralingsbescherming, geldt niet voor de in het tweede lid genoemde handelingen.
2. De handelingen, bedoeld in het eerste lid, zijn:
a. het voorhanden hebben voor opslag, mits het totaal aantal melders, al dan niet in combinatie met andere merken en typen dan in artikel 4 zijn aangewezen, dat op dezelfde plaats in opslag wordt gehouden, niet meer dan 50 stuks bedraagt;
b. het voorhanden hebben en toepassen van een goedgekeurde melder als zodanig of in een rookmeldinstallatie;
c. het voorhanden hebben en toepassen in verband met het aanbrengen, verwijderen en demonstreren van een goedgekeurde melder;
d. het zich door afgifte aan een ander ontdoen van een goedgekeurde melder in gevallen waarin deze overeenkomstig deze regeling zonder vergunning voorhanden wordt gehouden.
2. De handelingen, bedoeld in het eerste lid, zijn:
a. het voorhanden hebben voor opslag, mits het totaal aantal melders, al dan niet in combinatie met andere merken en typen dan in artikel 4 zijn aangewezen, dat op dezelfde plaats in opslag wordt gehouden, niet meer dan 50 stuks bedraagt;
b. het voorhanden hebben en toepassen van een goedgekeurde melder als zodanig of in een rookmeldinstallatie;
c. het voorhanden hebben en toepassen in verband met het aanbrengen, verwijderen en demonstreren van een goedgekeurde melder;
d. het zich door afgifte aan een ander ontdoen van een goedgekeurde melder in gevallen waarin deze overeenkomstig deze regeling zonder vergunning voorhanden wordt gehouden.