BWBR0014289
Geldig vanaf 2003-01-01
Artikel 3
Bijdrageregeling zorg AWBZ
1. Ingevolge artikel 6, eerste lid, onderdeel b, subonderdeel 2°, van het Bijdragebesluitworden in verband met de premie zorgverzekering in mindering gebracht:
a. voor de ongehuwde verzekerde die de pensioengerechtigde leeftijd, bedoeld in artikel 7a, eerste lid, van de Algemene Ouderdomswet, heeft bereikt: € 1.713,98 vermeerderd met 5% van het inkomen, met dien verstande dat minimaal € 2.399,66 en maximaal € 4.217,18 in mindering wordt gebracht;
b. voor de ongehuwde verzekerde die de pensioengerechtigde leeftijd, bedoeld in artikel 7a eerste lid, van de Algemene Ouderdomswet, nog niet heeft bereikt: € 1.426 vermeerderd met 7,10% van het inkomen dat is vermenigvuldigd met 1 gedeeld door 1,0710, met dien verstande dat maximaal € 4.980,54 in mindering wordt gebracht;
c. voor de gehuwde verzekerden die beiden de pensioengerechtigde leeftijd, bedoeld in artikel 7a, eerste lid, van de Algemene Ouderdomswet, hebben bereikt: voor ieder van de gehuwde verzekerden € 1.626,87 vermeerderd met 5% van het inkomen van die gehuwde verzekerde,met dien verstande dat voor ieder van de gehuwde verzekerden minimaal € 2.105,14 en maximaal € 4.130,07 in mindering wordt gebracht;
d. voor de gehuwde verzekerden die beiden de pensioengerechtigde leeftijd, bedoeld in artikel 7a eerste lid, van de Algemene Ouderdomswet, nog niet hebben bereikt wordt de aftrek voor ieder van de gehuwde verzekerden overeenkomstig onderdeel b berekend en geldt voor ieder van de gehuwde verzekerden het daarin genoemde maximumbedrag;
e. voor de overige gehuwde verzekerden wordt de aftrek: 1°. voor de gehuwde verzekerde die de pensioengerechtigde leeftijd, bedoeld in artikel 7a, eerste lid, van de Algemene Ouderdomswet, nog niet heeft bereikt, berekend overeenkomstig de in onderdeel b geregelde berekeningswijze en geldt het daarbij genoemde maximumbedrag;
2°. voor de gehuwde verzekerde die de pensioengerechtigde leeftijd, bedoeld in artikel 7a, eerste lid, van de Algemene Ouderdomswet, heeft bereikt berekend overeenkomstig de in onderdeel c geregelde berekeningswijze en geldt het daarbij genoemde maximum- en minimumbedrag.
1°. voor de gehuwde verzekerde die de pensioengerechtigde leeftijd, bedoeld in artikel 7a, eerste lid, van de Algemene Ouderdomswet, nog niet heeft bereikt, berekend overeenkomstig de in onderdeel b geregelde berekeningswijze en geldt het daarbij genoemde maximumbedrag;
2°. voor de gehuwde verzekerde die de pensioengerechtigde leeftijd, bedoeld in artikel 7a, eerste lid, van de Algemene Ouderdomswet, heeft bereikt berekend overeenkomstig de in onderdeel c geregelde berekeningswijze en geldt het daarbij genoemde maximum- en minimumbedrag.
2. Indien de verzekerde op 1 januari van het peiljaar aanspraak had op een zorgtoeslag wordt op de aftrek, bedoeld in het eerste lid, in mindering gebracht:
a. voor de verzekerde die ongehuwd is: een bedrag van € 838, met dien verstande dat als zijn inkomen € 20.079 of meer bedraagt dit bedrag wordt verminderd met 5,435% van het verschil tussen zijn inkomen en € 20.079;
b. voor de verzekerden die gehuwd zijn: een bedrag van € 1.742 met dien verstande dat indien hun gezamenlijke inkomen € 20.079 of meer bedraagt dit bedrag wordt verminderd met 5,435% van het verschil tussen hun gezamenlijke inkomen en € 20.079.
a. voor de ongehuwde verzekerde die de pensioengerechtigde leeftijd, bedoeld in artikel 7a, eerste lid, van de Algemene Ouderdomswet, heeft bereikt: € 1.713,98 vermeerderd met 5% van het inkomen, met dien verstande dat minimaal € 2.399,66 en maximaal € 4.217,18 in mindering wordt gebracht;
b. voor de ongehuwde verzekerde die de pensioengerechtigde leeftijd, bedoeld in artikel 7a eerste lid, van de Algemene Ouderdomswet, nog niet heeft bereikt: € 1.426 vermeerderd met 7,10% van het inkomen dat is vermenigvuldigd met 1 gedeeld door 1,0710, met dien verstande dat maximaal € 4.980,54 in mindering wordt gebracht;
c. voor de gehuwde verzekerden die beiden de pensioengerechtigde leeftijd, bedoeld in artikel 7a, eerste lid, van de Algemene Ouderdomswet, hebben bereikt: voor ieder van de gehuwde verzekerden € 1.626,87 vermeerderd met 5% van het inkomen van die gehuwde verzekerde,met dien verstande dat voor ieder van de gehuwde verzekerden minimaal € 2.105,14 en maximaal € 4.130,07 in mindering wordt gebracht;
d. voor de gehuwde verzekerden die beiden de pensioengerechtigde leeftijd, bedoeld in artikel 7a eerste lid, van de Algemene Ouderdomswet, nog niet hebben bereikt wordt de aftrek voor ieder van de gehuwde verzekerden overeenkomstig onderdeel b berekend en geldt voor ieder van de gehuwde verzekerden het daarin genoemde maximumbedrag;
e. voor de overige gehuwde verzekerden wordt de aftrek: 1°. voor de gehuwde verzekerde die de pensioengerechtigde leeftijd, bedoeld in artikel 7a, eerste lid, van de Algemene Ouderdomswet, nog niet heeft bereikt, berekend overeenkomstig de in onderdeel b geregelde berekeningswijze en geldt het daarbij genoemde maximumbedrag;
2°. voor de gehuwde verzekerde die de pensioengerechtigde leeftijd, bedoeld in artikel 7a, eerste lid, van de Algemene Ouderdomswet, heeft bereikt berekend overeenkomstig de in onderdeel c geregelde berekeningswijze en geldt het daarbij genoemde maximum- en minimumbedrag.
1°. voor de gehuwde verzekerde die de pensioengerechtigde leeftijd, bedoeld in artikel 7a, eerste lid, van de Algemene Ouderdomswet, nog niet heeft bereikt, berekend overeenkomstig de in onderdeel b geregelde berekeningswijze en geldt het daarbij genoemde maximumbedrag;
2°. voor de gehuwde verzekerde die de pensioengerechtigde leeftijd, bedoeld in artikel 7a, eerste lid, van de Algemene Ouderdomswet, heeft bereikt berekend overeenkomstig de in onderdeel c geregelde berekeningswijze en geldt het daarbij genoemde maximum- en minimumbedrag.
2. Indien de verzekerde op 1 januari van het peiljaar aanspraak had op een zorgtoeslag wordt op de aftrek, bedoeld in het eerste lid, in mindering gebracht:
a. voor de verzekerde die ongehuwd is: een bedrag van € 838, met dien verstande dat als zijn inkomen € 20.079 of meer bedraagt dit bedrag wordt verminderd met 5,435% van het verschil tussen zijn inkomen en € 20.079;
b. voor de verzekerden die gehuwd zijn: een bedrag van € 1.742 met dien verstande dat indien hun gezamenlijke inkomen € 20.079 of meer bedraagt dit bedrag wordt verminderd met 5,435% van het verschil tussen hun gezamenlijke inkomen en € 20.079.