BWBR0013716
Geldig vanaf 2002-06-05
Artikel 3
Regeling vergoeding dienstautogebruik
1. De schadeloosstelling wordt berekend aan de hand van de formule:
C x V% x T% x 100 / (100 - T) = S
In deze formule is:
C de catalogusprijs van de dienstauto (inclusief omzetbelasting en belasting van personenauto's en motorrijwielen);
V% het van toepassing zijnde percentage op grond van artikel 3.145 van de Wet inkomstenbelasting 2001. Bij het bepalen van de factor V% dienen de kilometers die (mede) in het persoonlijk belang zijn verreden buiten beschouwing te blijven;
T% het van toepassing zijnde percentage volgens de loonbelastingtabel voor bijzondere beloningen als bedoeld in artikel 26 van de Wet op de loonbelasting 1964;
S het bedrag van de jaarlijkse schadeloosstelling.
2. Indien door meer dan een ambtenaar individueel gebruik wordt gemaakt van dezelfde dienstauto wordt voor de berekening van de schadeloosstelling de in het eerste lid genoemde factor V% voor elke ambtenaar afzonderlijk vastgesteld naar rato van het aantal verreden woon-werkkilometers. V% van alle ambtenaren tezamen is ten hoogste gelijk aan het maximum percentage genoemd in artikel 3.145 van de Wet inkomstenbelasting 2001.
3. Indien een ambtenaar voor het woon-werkverkeer gebruik maakt van meer dan een dienstauto wordt de bij de berekening van de schadeloosstelling uitgegaan van het gewogen gemiddelde van de catalogusprijzen van de gebruikte dienstauto's.
4. De schadeloosstelling wordt jaarlijks na afloop van het kalenderjaar toegekend.
C x V% x T% x 100 / (100 - T) = S
In deze formule is:
C de catalogusprijs van de dienstauto (inclusief omzetbelasting en belasting van personenauto's en motorrijwielen);
V% het van toepassing zijnde percentage op grond van artikel 3.145 van de Wet inkomstenbelasting 2001. Bij het bepalen van de factor V% dienen de kilometers die (mede) in het persoonlijk belang zijn verreden buiten beschouwing te blijven;
T% het van toepassing zijnde percentage volgens de loonbelastingtabel voor bijzondere beloningen als bedoeld in artikel 26 van de Wet op de loonbelasting 1964;
S het bedrag van de jaarlijkse schadeloosstelling.
2. Indien door meer dan een ambtenaar individueel gebruik wordt gemaakt van dezelfde dienstauto wordt voor de berekening van de schadeloosstelling de in het eerste lid genoemde factor V% voor elke ambtenaar afzonderlijk vastgesteld naar rato van het aantal verreden woon-werkkilometers. V% van alle ambtenaren tezamen is ten hoogste gelijk aan het maximum percentage genoemd in artikel 3.145 van de Wet inkomstenbelasting 2001.
3. Indien een ambtenaar voor het woon-werkverkeer gebruik maakt van meer dan een dienstauto wordt de bij de berekening van de schadeloosstelling uitgegaan van het gewogen gemiddelde van de catalogusprijzen van de gebruikte dienstauto's.
4. De schadeloosstelling wordt jaarlijks na afloop van het kalenderjaar toegekend.