1. Een verslag met betrekking tot de voortgang van de bodemsanering bevat de gegevens als bedoeld in bijlage 9, welke betrekking hebben op de uitvoering van de wet over het voorafgaande kalenderjaar. Dit verslag wordt door gedeputeerde staten uiterlijk in de eerste week van januari ingediend bij de minister.
2. Het in het eerste lid genoemde verslag, wordt aangevuld met de informatie als bedoeld in bijlage 10. Deze informatie wordt jaarlijks over het daarvoor voorafgaande kalenderjaar, uiterlijk 1 mei verstrekt aan de minister.
3. Naar aanleiding van het verslag zoals bedoeld in het tweede lid kan een gesprek van de minister met gedeputeerde staten onderscheidenlijk burgemeester en wethouders van de in
artikel 88 van de wetgenoemde gemeenten en de gemeenten genoemd in het Besluit aanwijzing bevoegdgezaggemeenten over de voortgang van de bodemsaneringsoperatie en de uitvoering van de wet plaatsvinden.