BWBR0013680
Geldig vanaf 2002-05-23
Artikel 2
Regeling uitbetaling pensioenen en uitkeringen aan Gouverneurs Nederlandse Antillen en Aruba
1. De betaling van een door de Minister vastgesteld pensioen of vastgestelde uitkering ingevolge de rijkswet met inbegrip van de vakantie-uitkering geschiedt door het Kabinet in twaalf maandelijkse termijnen door bijschrijving, hetzij op de bankrekening van de belanghebbende, hetzij op de bankrekening van een door hem aangewezen kredietinstelling, overheidsinstelling of stichting, hetzij op de bankrekening van een particulier gemachtigde.
2. Het verzoek tot overmaking op de bankrekening van een particulier gemachtigde wordt eigenhandig door de belanghebbende ondertekend. De handtekening wordt ten genoegen van de directeur van het Kabinet gewaarmerkt. Het verzoek wordt mede ondertekend door de gemachtigde.
2. Het verzoek tot overmaking op de bankrekening van een particulier gemachtigde wordt eigenhandig door de belanghebbende ondertekend. De handtekening wordt ten genoegen van de directeur van het Kabinet gewaarmerkt. Het verzoek wordt mede ondertekend door de gemachtigde.