BWBR0013408
Geldig vanaf 2002-02-14
Artikel 2
Handhavingsvoorschrift Rotterdam
1. De gegevens die nodig zijn voor de bepaling van de geluidsbelasting, zijn de in bijlage A en B bij deze regeling genoemde gegevens.
2. De Inspecteur-Generaal verzoekt de exploitant om de in het eerste lid bedoelde gegevens voor het Ke-verkeer ten minste per kwartaal en voor het bkl-verkeer ten minste over de eerste zes maanden van het gebruiksplanjaar en vervolgens over het derde en het vierde kwartaal van dat jaar te verstrekken. De Inspecteur-Generaal verzoekt de exploitant, indien dit naar zijn oordeel nodig is, deze gegevens met een hogere frequentie te verstrekken.
3. De Inspecteur-Generaal laat de radar- en vliegplangegevens voor het Ke-verkeer, genoemd in bijlage B bij deze regeling, in het FANOMOS-systeem opslaan en verwerken.
4. De Inspecteur-Generaal laat iedere werkdag een reservebestand van deze gegevens maken. Dit reservebestand wordt ten minste 5 jaar bewaard.
5. De Inspecteur-Generaal laat de radiotelefonie-gesprekken tussen de verkeersleiding en het stuurhutpersoneel 24 uur per dag registreren en ten minste drie maanden bewaren.
6. De Inspecteur-Generaal zendt een afschrift van de in het tweede en derde lid genoemde gegevens aan de voorzitter van de Commissie-28.
2. De Inspecteur-Generaal verzoekt de exploitant om de in het eerste lid bedoelde gegevens voor het Ke-verkeer ten minste per kwartaal en voor het bkl-verkeer ten minste over de eerste zes maanden van het gebruiksplanjaar en vervolgens over het derde en het vierde kwartaal van dat jaar te verstrekken. De Inspecteur-Generaal verzoekt de exploitant, indien dit naar zijn oordeel nodig is, deze gegevens met een hogere frequentie te verstrekken.
3. De Inspecteur-Generaal laat de radar- en vliegplangegevens voor het Ke-verkeer, genoemd in bijlage B bij deze regeling, in het FANOMOS-systeem opslaan en verwerken.
4. De Inspecteur-Generaal laat iedere werkdag een reservebestand van deze gegevens maken. Dit reservebestand wordt ten minste 5 jaar bewaard.
5. De Inspecteur-Generaal laat de radiotelefonie-gesprekken tussen de verkeersleiding en het stuurhutpersoneel 24 uur per dag registreren en ten minste drie maanden bewaren.
6. De Inspecteur-Generaal zendt een afschrift van de in het tweede en derde lid genoemde gegevens aan de voorzitter van de Commissie-28.