BWBR0013227
Geldig vanaf 2002-01-01
Artikel 3
Regeling vergoeding kosten woon-werkverkeer 2002
1. Een vergoeding ter zake van kosten van woon-werkverkeer waarbij de reisafstand niet per openbaar vervoer is afgelegd of anderszins niet aan de voorwaarden van artikel 2is voldaan, wordt geacht te strekken tot bestrijding van kosten ter behoorlijke vervulling van de dienstbetrekking voor ten hoogste het bedrag bepaald volgens de in de volgende leden opgenomen regels.
2. Voor de werknemer die op ten minste vier dagen per week naar dezelfde arbeidsplaats pleegt te reizen wordt een vergoeding ter zake van kosten van woon-werkverkeer geacht te strekken tot bestrijding van kosten ter behoorlijke vervulling van de dienstbetrekking tot het bedrag bepaald aan de hand van de navolgende tabel:
[tabel]
3. Voor de werknemer die op drie dagen, op twee dagen of op één dag per week naar dezelfde arbeidsplaats pleegt te reizen, wordt een vergoeding terzake van kosten van woon-werkverkeer geacht te strekken tot bestrijding van kosten ter behoorlijke vervulling van de dienstbetrekking tot respectievelijk driekwart, de helft of een kwart van het bedrag aangegeven in de in dit artikel opgenomen tabel.
4. Voor de werknemer die naar verschillende arbeidsplaatsen pleegt te reizen, zijn het tweede en derde lid afzonderlijk van toepassing met betrekking tot het reizen naar elk van die plaatsen. Het voor hem geldende bedrag is gelijk aan de som van de volgens het tweede en het derde lid bepaalde bedragen maar bedraagt ten hoogste € 130 per maand respectievelijk € 30 per week.
2. Voor de werknemer die op ten minste vier dagen per week naar dezelfde arbeidsplaats pleegt te reizen wordt een vergoeding ter zake van kosten van woon-werkverkeer geacht te strekken tot bestrijding van kosten ter behoorlijke vervulling van de dienstbetrekking tot het bedrag bepaald aan de hand van de navolgende tabel:
[tabel]
3. Voor de werknemer die op drie dagen, op twee dagen of op één dag per week naar dezelfde arbeidsplaats pleegt te reizen, wordt een vergoeding terzake van kosten van woon-werkverkeer geacht te strekken tot bestrijding van kosten ter behoorlijke vervulling van de dienstbetrekking tot respectievelijk driekwart, de helft of een kwart van het bedrag aangegeven in de in dit artikel opgenomen tabel.
4. Voor de werknemer die naar verschillende arbeidsplaatsen pleegt te reizen, zijn het tweede en derde lid afzonderlijk van toepassing met betrekking tot het reizen naar elk van die plaatsen. Het voor hem geldende bedrag is gelijk aan de som van de volgens het tweede en het derde lid bepaalde bedragen maar bedraagt ten hoogste € 130 per maand respectievelijk € 30 per week.