BWBR0013158
Geldig vanaf 2002-01-01
Artikel 6
Aanpassing grondslagen en percentages wetten oorlogsgetroffenen per 1 januari 2002
De bedragen, genoemd in de artikelen 8, zevende lid, onder a en b, en 10, eerste lid, onder e en f, van de Wet uitkeringen vervolgingsslachtoffers 1940-1945, worden voor een nabetaling over december 2001 vastgesteld als volgt:
a. het bedrag, genoemd in artikel 8, zevende lid, onder a, op € 2.138,01;
b. het bedrag, genoemd in artikel 8, zevende lid, onder b, op € 4.438,40;
c. het bedrag, genoemd in artikel 10, eerste lid, onder e, op € 2.900,31;
d. het bedrag, genoemd in artikel 10, eerste lid, onder f, op € 2.698,70.
a. het bedrag, genoemd in artikel 8, zevende lid, onder a, op € 2.138,01;
b. het bedrag, genoemd in artikel 8, zevende lid, onder b, op € 4.438,40;
c. het bedrag, genoemd in artikel 10, eerste lid, onder e, op € 2.900,31;
d. het bedrag, genoemd in artikel 10, eerste lid, onder f, op € 2.698,70.