BWBR0012890
Geldig vanaf 2001-10-24
Artikel 40
Besluit bevordering innovatieve ontwikkelingen stedelijke vernieuwing
1. Aan de verlening van de subsidies, bedoeld in artikel 3, kunnen verplichtingen worden verbonden.
2. Aan de verlening van de subsidies, bedoeld in artikel 3, is in elk geval de verplichting verbonden dat:
a. de rechtspersoon aan wie de subsidie is verleend, gegevens over de voortgang van de idee- en planvorming voor een project dan wel gegevens over de voortgang van het project, aan Onze Minister zendt, zo vaak als Onze Minister dit verzoekt, en
b. de rechtspersoon aan wie de subsidie is verleend, zo spoedig mogelijk mededeling aan Onze Minister doet van nieuwe omstandigheden die van invloed kunnen zijn op de realisatie van de idee- en planvorming voor een project dan wel de realisatie van het project, en op de vaststelling van de subsidie, onder overlegging van de relevante stukken.
3. Onverminderd artikel 42kan Onze Minister, zolang de subsidie niet is vastgesteld, de verplichtingen, bedoeld in het eerste lid, wijzigen of aanvullen, indien uit gegevens over de voortgang of uit zich na de verlening van de subsidie voordoende omstandigheden blijkt dat de idee- en planvorming voor een project, dan wel een project, niet overeenkomstig de ten tijde van de verlening van de subsidie vigerende gegevens zal worden gerealiseerd.
2. Aan de verlening van de subsidies, bedoeld in artikel 3, is in elk geval de verplichting verbonden dat:
a. de rechtspersoon aan wie de subsidie is verleend, gegevens over de voortgang van de idee- en planvorming voor een project dan wel gegevens over de voortgang van het project, aan Onze Minister zendt, zo vaak als Onze Minister dit verzoekt, en
b. de rechtspersoon aan wie de subsidie is verleend, zo spoedig mogelijk mededeling aan Onze Minister doet van nieuwe omstandigheden die van invloed kunnen zijn op de realisatie van de idee- en planvorming voor een project dan wel de realisatie van het project, en op de vaststelling van de subsidie, onder overlegging van de relevante stukken.
3. Onverminderd artikel 42kan Onze Minister, zolang de subsidie niet is vastgesteld, de verplichtingen, bedoeld in het eerste lid, wijzigen of aanvullen, indien uit gegevens over de voortgang of uit zich na de verlening van de subsidie voordoende omstandigheden blijkt dat de idee- en planvorming voor een project, dan wel een project, niet overeenkomstig de ten tijde van de verlening van de subsidie vigerende gegevens zal worden gerealiseerd.