BWBR0012877
Geldig vanaf 2007-06-10
Artikel 70
Regeling erkenningen luchtwaardigheid
1. De aanvrager wordt erkend nadat het ten genoegen van de minister heeft aangetoond, dat::
a. hij aan de erkenningsvoorwaarden, opgenomen in de bij deze regeling behorende bijlage C bij deze regeling voldoet;
b. hij in Nederland is gevestigd;
c. hij in voldoende mate materialen of onderdelen levert die de luchtwaardigheid van luchtvaartuigen kunnen beïnvloeden;
d. de aangevraagde erkenning niet uitsluitend betrekking heeft op materialen of onderdelen, die geleverd zullen worden aan daarvoor reeds erkende bedrijven, zodat de productie binnen het kader van de erkenning van die bedrijven zou kunnen plaatsvinden.
2. De aanvraag wordt ingediend door de functionaris van het bedrijf, die de eindverantwoordelijkheid draagt ten aanzien van het door het bedrijf gevoerde beleid.
3. De aanvraag wordt ingediend door middel van volledig ingevulde en ondertekende formulieren, waarvan de exemplaren kosteloos bij de minister zijn te verkrijgen.
4. De aanvrager die in aanmerking wenst te komen voor een erkenning ten behoeve van productiewerkzaamheden en niet aan de eisen van JAR 21.133 voldoet, kan in afwijking van het eerste lid onderdeel a) eveneens worden erkend wanneer hij voldoet aan de eisen voor een POA. Hoofdstuk 4met uitzondering van artikel 22is van overeenkomstige toepassing.
a. hij aan de erkenningsvoorwaarden, opgenomen in de bij deze regeling behorende bijlage C bij deze regeling voldoet;
b. hij in Nederland is gevestigd;
c. hij in voldoende mate materialen of onderdelen levert die de luchtwaardigheid van luchtvaartuigen kunnen beïnvloeden;
d. de aangevraagde erkenning niet uitsluitend betrekking heeft op materialen of onderdelen, die geleverd zullen worden aan daarvoor reeds erkende bedrijven, zodat de productie binnen het kader van de erkenning van die bedrijven zou kunnen plaatsvinden.
2. De aanvraag wordt ingediend door de functionaris van het bedrijf, die de eindverantwoordelijkheid draagt ten aanzien van het door het bedrijf gevoerde beleid.
3. De aanvraag wordt ingediend door middel van volledig ingevulde en ondertekende formulieren, waarvan de exemplaren kosteloos bij de minister zijn te verkrijgen.
4. De aanvrager die in aanmerking wenst te komen voor een erkenning ten behoeve van productiewerkzaamheden en niet aan de eisen van JAR 21.133 voldoet, kan in afwijking van het eerste lid onderdeel a) eveneens worden erkend wanneer hij voldoet aan de eisen voor een POA. Hoofdstuk 4met uitzondering van artikel 22is van overeenkomstige toepassing.