BWBR0012793
Geldig vanaf 2009-12-18
Artikel 9
Vrijstellingsregeling dierenwelzijn
1. Artikel 44, vierde tot en met zevende lid en achtste lid, onderdeel b, voor wat betreft de tweede volzin, van de Gezondheids- en welzijnswet voor dierenis niet van toepassing op een op grond van artikel 4 van verordening (EG) nr. 853/2004van het Europese Parlement en de Raad van de Europese Unie van 29 april 2004 houdende vaststelling van specifieke hygiënevoorschriften voor levensmiddelen van dierlijke oorsprong (pbEG L 226), door de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit erkende inrichting die voorafgaand aan het slachten aan de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit meldt dat in de inrichting dieren volgens de islamitische of israëlitische ritus zullen worden geslacht.
2. De melding, bedoeld in het eerste lid, wordt gedaan op een daartoe door de Voedsel en Waren Autoriteit beschikbaar gesteld formulier, waarvan een model op www.vwa.nl zal worden geplaatst.
3. Inrichtingen die op grond van de Regeling aanwijzing slachtinrichtingen 2004zijn aangewezen om dieren zonder voorafgaande bedwelming volgens de islamitische of israëlitische ritus te slachten en inrichtingen die door de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit in overeenstemming met de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport zijn aangewezen om tijdens het islamitisch offerfeest in 2006 dieren zonder voorafgaande bedwelming volgens de islamitische ritus te slachten, hebben een melding als bedoeld in het eerste lid gemaakt.
4. Het eerste lid is niet van toepassing op een inrichting waarin, vanaf de dag waarop is gemeld dat in die inrichting dieren zonder voorafgaande bedwelming volgens de islamitische of israëlitische ritus zullen worden geslacht, dan wel voor wat betreft een inrichting als bedoeld in het derde lid vanaf de dag waarop deze regeling in werking treedt, meer dan een jaar geen dieren zonder voorafgaande bedwelming volgens de islamitische of israëlitische ritus zijn geslacht.
2. De melding, bedoeld in het eerste lid, wordt gedaan op een daartoe door de Voedsel en Waren Autoriteit beschikbaar gesteld formulier, waarvan een model op www.vwa.nl zal worden geplaatst.
3. Inrichtingen die op grond van de Regeling aanwijzing slachtinrichtingen 2004zijn aangewezen om dieren zonder voorafgaande bedwelming volgens de islamitische of israëlitische ritus te slachten en inrichtingen die door de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit in overeenstemming met de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport zijn aangewezen om tijdens het islamitisch offerfeest in 2006 dieren zonder voorafgaande bedwelming volgens de islamitische ritus te slachten, hebben een melding als bedoeld in het eerste lid gemaakt.
4. Het eerste lid is niet van toepassing op een inrichting waarin, vanaf de dag waarop is gemeld dat in die inrichting dieren zonder voorafgaande bedwelming volgens de islamitische of israëlitische ritus zullen worden geslacht, dan wel voor wat betreft een inrichting als bedoeld in het derde lid vanaf de dag waarop deze regeling in werking treedt, meer dan een jaar geen dieren zonder voorafgaande bedwelming volgens de islamitische of israëlitische ritus zijn geslacht.