BWBR0012562
Geldig vanaf 30-06-2001
Artikel 10
Verordening invoer jonge mannelijke mestrunderen 2001
1. a. Ter naleving van het in de uitvoeringsverordening bepaalde, dient de importeur een bevoegdelijk ondertekende en gedagtekende verklaring aan het productschap te overleggen, volgens een door het bestuur vastgesteld model, waarin de importeur verklaart zich te verplichten om binnen een maand na de dag van aanvaarding van de aangifte ten invoer aan het productschap schriftelijk te melden op welk bedrijf of op welke bedrijven de jonge mannelijke mestrunderen zullen worden gemest.
b. Indien de runderen na de melding bedoeld onder a verplaatst worden naar een ander mestbedrijf, dient hiervan, voorafgaande aan de verplaatsing, schriftelijk mededeling te worden gedaan aan het productschap.
2. Bij twijfel omtrent de naleving van het in dit artikel bepaalde, kan het productschap overgaan tot het vragen van aanvullende bewijzen ten opzichte van bovenstaande documenten.
b. Indien de runderen na de melding bedoeld onder a verplaatst worden naar een ander mestbedrijf, dient hiervan, voorafgaande aan de verplaatsing, schriftelijk mededeling te worden gedaan aan het productschap.
2. Bij twijfel omtrent de naleving van het in dit artikel bepaalde, kan het productschap overgaan tot het vragen van aanvullende bewijzen ten opzichte van bovenstaande documenten.
- Citeren als
- Art. 10
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0012562
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl