BWBR0012465
Geldig vanaf 2001-05-18
Artikel 5
Besluit vrijwillige verzekering AOW en ANW 2001
1. De premie wordt, voor elk in de periode van vrijwillige verzekering gelegen vol kalenderjaar, vastgesteld volgens de formule:
P x H – K
Waarbij:
a. P voorstelt: 1°. indien er uitsluitend sprake is van vrijwillige verzekering op grond van de AOW, het percentage dat op grond van artikel 10a van de WFV voor dat kalenderjaar wordt vastgesteld;
2°. indien er uitsluitend sprake is van vrijwillige verzekering op grond van de ANW, het percentage dat op grond van artikel 11 van de WFV voor dat kalenderjaar wordt vastgesteld;
3°. indien er sprake is van zowel vrijwillige verzekering op grond van de AOW als vrijwillige verzekering op grond van de ANW, het totaal van de percentages die op grond van artikel 10a en artikel 11 van de WFV voor dat kalenderjaar worden vastgesteld;
1°. indien er uitsluitend sprake is van vrijwillige verzekering op grond van de AOW, het percentage dat op grond van artikel 10a van de WFV voor dat kalenderjaar wordt vastgesteld;
2°. indien er uitsluitend sprake is van vrijwillige verzekering op grond van de ANW, het percentage dat op grond van artikel 11 van de WFV voor dat kalenderjaar wordt vastgesteld;
3°. indien er sprake is van zowel vrijwillige verzekering op grond van de AOW als vrijwillige verzekering op grond van de ANW, het totaal van de percentages die op grond van artikel 10a en artikel 11 van de WFV voor dat kalenderjaar worden vastgesteld;
b. H voorstelt: het hoogste bedrag dat als premie-inkomen in de zin van artikel 8 van de WFV in aanmerking genomen wordt, te weten het als tweede vermelde bedrag in kolom II van de tarieftabel in artikel 2.10 van de Wet inkomstenbelasting 2001;
c. K voorstelt: 1°. indien er uitsluitend sprake is van vrijwillige verzekering op grond van de AOW: de algemene heffingskorting, bedoeld in artikel 8.10 van de Wet inkomstenbelasting 2001, vermenigvuldigd met een breuk, met in de teller het percentage dat op grond van artikel 10a van de WFV voor dat kalenderjaar wordt vastgesteld en in de noemer de som van de percentages, bedoeld in de artikelen 10a en 11 van de WFV, en het percentage behorende bij de eerste belastingschijf, bedoeld in artikel 2.10 van de Wet inkomstenbelasting 2001, zoals die percentages voor dat kalenderjaar worden vastgesteld;
2°. indien er uitsluitend sprake is van vrijwillige verzekering op grond van de ANW: de algemene heffingskorting, bedoeld in artikel 8.10 van de Wet inkomstenbelasting 2001, vermenigvuldigd met een breuk, met in de teller het percentage dat op grond van artikel 11 van de WFV voor dat kalenderjaar wordt vastgesteld en in de noemer de som van de percentages, bedoeld in de artikelen 10a en 11 van de WFV, en het percentage behorende bij de eerste belastingschijf, bedoeld in artikel 2.10 van de Wet inkomstenbelasting 2001, zoals die percentages voor dat kalenderjaar worden vastgesteld;
3°. indien er sprake is van zowel vrijwillige verzekering op grond van de AOW als vrijwillige verzekering op grond van de ANW: de algemene heffingskorting, bedoeld in artikel 8.10 van de Wet inkomstenbelasting 2001, vermenigvuldigd met een breuk, met in de teller de som van de percentages die op grond van de artikelen 10a en 11 van de WFV voor dat kalenderjaar worden vastgesteld en in de noemer de som van de percentages, bedoeld in de artikelen 10a en 11 van de WFV, en het percentage behorende bij de eerste belastingschijf, bedoeld in artikel 2.10 van de Wet inkomstenbelasting 2001, zoals die percentages voor dat kalenderjaar worden vastgesteld.
1°. indien er uitsluitend sprake is van vrijwillige verzekering op grond van de AOW: de algemene heffingskorting, bedoeld in artikel 8.10 van de Wet inkomstenbelasting 2001, vermenigvuldigd met een breuk, met in de teller het percentage dat op grond van artikel 10a van de WFV voor dat kalenderjaar wordt vastgesteld en in de noemer de som van de percentages, bedoeld in de artikelen 10a en 11 van de WFV, en het percentage behorende bij de eerste belastingschijf, bedoeld in artikel 2.10 van de Wet inkomstenbelasting 2001, zoals die percentages voor dat kalenderjaar worden vastgesteld;
2°. indien er uitsluitend sprake is van vrijwillige verzekering op grond van de ANW: de algemene heffingskorting, bedoeld in artikel 8.10 van de Wet inkomstenbelasting 2001, vermenigvuldigd met een breuk, met in de teller het percentage dat op grond van artikel 11 van de WFV voor dat kalenderjaar wordt vastgesteld en in de noemer de som van de percentages, bedoeld in de artikelen 10a en 11 van de WFV, en het percentage behorende bij de eerste belastingschijf, bedoeld in artikel 2.10 van de Wet inkomstenbelasting 2001, zoals die percentages voor dat kalenderjaar worden vastgesteld;
3°. indien er sprake is van zowel vrijwillige verzekering op grond van de AOW als vrijwillige verzekering op grond van de ANW: de algemene heffingskorting, bedoeld in artikel 8.10 van de Wet inkomstenbelasting 2001, vermenigvuldigd met een breuk, met in de teller de som van de percentages die op grond van de artikelen 10a en 11 van de WFV voor dat kalenderjaar worden vastgesteld en in de noemer de som van de percentages, bedoeld in de artikelen 10a en 11 van de WFV, en het percentage behorende bij de eerste belastingschijf, bedoeld in artikel 2.10 van de Wet inkomstenbelasting 2001, zoals die percentages voor dat kalenderjaar worden vastgesteld.
2. In afwijking van het eerste lid wordt indien ten aanzien van de SVB aannemelijk wordt gemaakt dat zulks tot een lagere uitkomst leidt, H voorgesteld door het feitelijke premie-inkomen voor de premieheffing in de zin van <a href="/wet/BWBR0004538/artikel/8" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 8 van de WFV</a>.
3. De met toepassing van het tweede lid vastgestelde premie bedraagt ten minste 10% van de premie vastgesteld op grond van het eerste lid.
P x H – K
Waarbij:
a. P voorstelt: 1°. indien er uitsluitend sprake is van vrijwillige verzekering op grond van de AOW, het percentage dat op grond van artikel 10a van de WFV voor dat kalenderjaar wordt vastgesteld;
2°. indien er uitsluitend sprake is van vrijwillige verzekering op grond van de ANW, het percentage dat op grond van artikel 11 van de WFV voor dat kalenderjaar wordt vastgesteld;
3°. indien er sprake is van zowel vrijwillige verzekering op grond van de AOW als vrijwillige verzekering op grond van de ANW, het totaal van de percentages die op grond van artikel 10a en artikel 11 van de WFV voor dat kalenderjaar worden vastgesteld;
1°. indien er uitsluitend sprake is van vrijwillige verzekering op grond van de AOW, het percentage dat op grond van artikel 10a van de WFV voor dat kalenderjaar wordt vastgesteld;
2°. indien er uitsluitend sprake is van vrijwillige verzekering op grond van de ANW, het percentage dat op grond van artikel 11 van de WFV voor dat kalenderjaar wordt vastgesteld;
3°. indien er sprake is van zowel vrijwillige verzekering op grond van de AOW als vrijwillige verzekering op grond van de ANW, het totaal van de percentages die op grond van artikel 10a en artikel 11 van de WFV voor dat kalenderjaar worden vastgesteld;
b. H voorstelt: het hoogste bedrag dat als premie-inkomen in de zin van artikel 8 van de WFV in aanmerking genomen wordt, te weten het als tweede vermelde bedrag in kolom II van de tarieftabel in artikel 2.10 van de Wet inkomstenbelasting 2001;
c. K voorstelt: 1°. indien er uitsluitend sprake is van vrijwillige verzekering op grond van de AOW: de algemene heffingskorting, bedoeld in artikel 8.10 van de Wet inkomstenbelasting 2001, vermenigvuldigd met een breuk, met in de teller het percentage dat op grond van artikel 10a van de WFV voor dat kalenderjaar wordt vastgesteld en in de noemer de som van de percentages, bedoeld in de artikelen 10a en 11 van de WFV, en het percentage behorende bij de eerste belastingschijf, bedoeld in artikel 2.10 van de Wet inkomstenbelasting 2001, zoals die percentages voor dat kalenderjaar worden vastgesteld;
2°. indien er uitsluitend sprake is van vrijwillige verzekering op grond van de ANW: de algemene heffingskorting, bedoeld in artikel 8.10 van de Wet inkomstenbelasting 2001, vermenigvuldigd met een breuk, met in de teller het percentage dat op grond van artikel 11 van de WFV voor dat kalenderjaar wordt vastgesteld en in de noemer de som van de percentages, bedoeld in de artikelen 10a en 11 van de WFV, en het percentage behorende bij de eerste belastingschijf, bedoeld in artikel 2.10 van de Wet inkomstenbelasting 2001, zoals die percentages voor dat kalenderjaar worden vastgesteld;
3°. indien er sprake is van zowel vrijwillige verzekering op grond van de AOW als vrijwillige verzekering op grond van de ANW: de algemene heffingskorting, bedoeld in artikel 8.10 van de Wet inkomstenbelasting 2001, vermenigvuldigd met een breuk, met in de teller de som van de percentages die op grond van de artikelen 10a en 11 van de WFV voor dat kalenderjaar worden vastgesteld en in de noemer de som van de percentages, bedoeld in de artikelen 10a en 11 van de WFV, en het percentage behorende bij de eerste belastingschijf, bedoeld in artikel 2.10 van de Wet inkomstenbelasting 2001, zoals die percentages voor dat kalenderjaar worden vastgesteld.
1°. indien er uitsluitend sprake is van vrijwillige verzekering op grond van de AOW: de algemene heffingskorting, bedoeld in artikel 8.10 van de Wet inkomstenbelasting 2001, vermenigvuldigd met een breuk, met in de teller het percentage dat op grond van artikel 10a van de WFV voor dat kalenderjaar wordt vastgesteld en in de noemer de som van de percentages, bedoeld in de artikelen 10a en 11 van de WFV, en het percentage behorende bij de eerste belastingschijf, bedoeld in artikel 2.10 van de Wet inkomstenbelasting 2001, zoals die percentages voor dat kalenderjaar worden vastgesteld;
2°. indien er uitsluitend sprake is van vrijwillige verzekering op grond van de ANW: de algemene heffingskorting, bedoeld in artikel 8.10 van de Wet inkomstenbelasting 2001, vermenigvuldigd met een breuk, met in de teller het percentage dat op grond van artikel 11 van de WFV voor dat kalenderjaar wordt vastgesteld en in de noemer de som van de percentages, bedoeld in de artikelen 10a en 11 van de WFV, en het percentage behorende bij de eerste belastingschijf, bedoeld in artikel 2.10 van de Wet inkomstenbelasting 2001, zoals die percentages voor dat kalenderjaar worden vastgesteld;
3°. indien er sprake is van zowel vrijwillige verzekering op grond van de AOW als vrijwillige verzekering op grond van de ANW: de algemene heffingskorting, bedoeld in artikel 8.10 van de Wet inkomstenbelasting 2001, vermenigvuldigd met een breuk, met in de teller de som van de percentages die op grond van de artikelen 10a en 11 van de WFV voor dat kalenderjaar worden vastgesteld en in de noemer de som van de percentages, bedoeld in de artikelen 10a en 11 van de WFV, en het percentage behorende bij de eerste belastingschijf, bedoeld in artikel 2.10 van de Wet inkomstenbelasting 2001, zoals die percentages voor dat kalenderjaar worden vastgesteld.
2. In afwijking van het eerste lid wordt indien ten aanzien van de SVB aannemelijk wordt gemaakt dat zulks tot een lagere uitkomst leidt, H voorgesteld door het feitelijke premie-inkomen voor de premieheffing in de zin van <a href="/wet/BWBR0004538/artikel/8" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 8 van de WFV</a>.
3. De met toepassing van het tweede lid vastgestelde premie bedraagt ten minste 10% van de premie vastgesteld op grond van het eerste lid.