BWBR0012464
Geldig vanaf 2001-05-10
Artikel 1
Mandaat Bureau Heffingen
1. De divisiemanagers van het Bureau Heffingen zijn gemachtigd om namens de Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij te beslissen en stukken te ondertekenen ten aanzien van de in het tweede lid genoemde aangelegenheden.
2. De machtiging, bedoeld in het eerste lid, heeft betrekking op:
a. de bevoegdheid, bedoeld in artikel 15, eerste lid, van het Besluit administratieve verplichtingen Meststoffenwet;
b. de bevoegdheden, bedoeld in de artikelen 2, tweede en derde lid, 7, eerste lid en 8, eerste lid, van de Regeling erkenning monsternemers Meststoffenwet;
c. de bevoegdheid, bedoeld in artikel 5, eerste lid, van de Vrijstellingsregeling akkerbouwbedrijven met gezamenlijke mestopslag Meststoffenwet;
d. de bevoegdheden, bedoeld in de artikelen 2 en 8, derde lid, van de Kaderregeling ontheffingen experiment `Het Zuivere Ei';
e. de bevoegdheden, bedoeld in de artikelen 2 en 14, tweede lid, van de Kaderregeling ontheffingen experiment `Golden Harvest';
f. de bevoegdheid, bedoeld in artikel 2, eerste lid, van de Regeling financiële tegemoetkoming Wet herstructurering varkenshouderij;
g. de bevoegdheden, bedoeld in de artikelen 2, eerste lid, 10, eerste lid, 11, 12 en 14 van de Opkoopregeling varkenshouderij;
h. de bevoegdheden, bedoeld in de artikelen 2, eerste lid, 11, eerste lid en 17, derde lid, van de Opkoopregeling varkenshouderij 1998;
i. de bevoegdheden, bedoeld in de artikelen 2 en 9 van de Opkoopregeling varkensrechten;
j. de feitelijke mededeling van hetgeen in de administratie van het Bureau Heffingen staat geregistreerd ten aanzien van de op een bedrijf rustende varkens- en mestproductierechten;
k. de beantwoording van brieven waarin de Staat der Nederlanden aansprakelijk wordt gesteld voor schade die verband houdt met de invoering van de Wet herstructurering varkenshouderij, indien het antwoord zich beperkt tot een gestandaardiseerde afwijzing van aansprakelijkheid;
l. de beantwoording van aan de Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij gerichte brieven die betrekking hebben op het werkterrein van het Bureau Heffingen, indien het antwoord zich beperkt tot een beschrijving van vigerend beleid en indien het niet betreft een brief die vanwege zijn politieke betekenis of overigens, gelet op zijn aard en inhoud, door de minister persoonlijk of namens hem door de Secretaris-Generaal of een Directeur-Generaal dient te worden afgedaan.
3. De ondertekening, bedoeld in het eerste lid, luidt:
`DE MINISTER VAN LANDBOUW, NATUURBEHEER EN VISSERIJ,
voor deze:
DE DIVISIEMANAGER BUREAU HEFFINGEN,'.
2. De machtiging, bedoeld in het eerste lid, heeft betrekking op:
a. de bevoegdheid, bedoeld in artikel 15, eerste lid, van het Besluit administratieve verplichtingen Meststoffenwet;
b. de bevoegdheden, bedoeld in de artikelen 2, tweede en derde lid, 7, eerste lid en 8, eerste lid, van de Regeling erkenning monsternemers Meststoffenwet;
c. de bevoegdheid, bedoeld in artikel 5, eerste lid, van de Vrijstellingsregeling akkerbouwbedrijven met gezamenlijke mestopslag Meststoffenwet;
d. de bevoegdheden, bedoeld in de artikelen 2 en 8, derde lid, van de Kaderregeling ontheffingen experiment `Het Zuivere Ei';
e. de bevoegdheden, bedoeld in de artikelen 2 en 14, tweede lid, van de Kaderregeling ontheffingen experiment `Golden Harvest';
f. de bevoegdheid, bedoeld in artikel 2, eerste lid, van de Regeling financiële tegemoetkoming Wet herstructurering varkenshouderij;
g. de bevoegdheden, bedoeld in de artikelen 2, eerste lid, 10, eerste lid, 11, 12 en 14 van de Opkoopregeling varkenshouderij;
h. de bevoegdheden, bedoeld in de artikelen 2, eerste lid, 11, eerste lid en 17, derde lid, van de Opkoopregeling varkenshouderij 1998;
i. de bevoegdheden, bedoeld in de artikelen 2 en 9 van de Opkoopregeling varkensrechten;
j. de feitelijke mededeling van hetgeen in de administratie van het Bureau Heffingen staat geregistreerd ten aanzien van de op een bedrijf rustende varkens- en mestproductierechten;
k. de beantwoording van brieven waarin de Staat der Nederlanden aansprakelijk wordt gesteld voor schade die verband houdt met de invoering van de Wet herstructurering varkenshouderij, indien het antwoord zich beperkt tot een gestandaardiseerde afwijzing van aansprakelijkheid;
l. de beantwoording van aan de Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij gerichte brieven die betrekking hebben op het werkterrein van het Bureau Heffingen, indien het antwoord zich beperkt tot een beschrijving van vigerend beleid en indien het niet betreft een brief die vanwege zijn politieke betekenis of overigens, gelet op zijn aard en inhoud, door de minister persoonlijk of namens hem door de Secretaris-Generaal of een Directeur-Generaal dient te worden afgedaan.
3. De ondertekening, bedoeld in het eerste lid, luidt:
`DE MINISTER VAN LANDBOUW, NATUURBEHEER EN VISSERIJ,
voor deze:
DE DIVISIEMANAGER BUREAU HEFFINGEN,'.