BWBR0012325
Geldig vanaf 2003-10-03
Artikel 2
Regels inzake afkoop van het recht op bovenwettelijke uitkering
1. De betrokkene kan zijn recht op bovenwettelijke uitkering voor de nog resterende duur afkopen indien hij werkzaamheden gaat verrichten als zelfstandig ondernemer, dan wel bestaande werkzaamheden als zelfstandig ondernemer uitbreidt.
2. Afkoop is niet mogelijk:
a. zolang de betrokkene nog een dienstbetrekking heeft waarin hij diensttijd opbouwt, of
b. indien de afkoopdatum zou liggen binnen 6 maanden na de eerste werkloosheidsdag van het af te kopen recht op bovenwettelijke uitkering en de betrokkene niet is ingedeeld in fase 2, 3 of 4 als bedoeld in de Samenwerkingsregeling SWI.
3. Afkoop heeft betrekking op alle bovenwettelijke uitkeringen waarop de betrokkene recht heeft uit dienstbetrekkingen die zijn geëindigd vóór of op de afkoopdatum.
2. Afkoop is niet mogelijk:
a. zolang de betrokkene nog een dienstbetrekking heeft waarin hij diensttijd opbouwt, of
b. indien de afkoopdatum zou liggen binnen 6 maanden na de eerste werkloosheidsdag van het af te kopen recht op bovenwettelijke uitkering en de betrokkene niet is ingedeeld in fase 2, 3 of 4 als bedoeld in de Samenwerkingsregeling SWI.
3. Afkoop heeft betrekking op alle bovenwettelijke uitkeringen waarop de betrokkene recht heeft uit dienstbetrekkingen die zijn geëindigd vóór of op de afkoopdatum.