BWBR0012195
Geldig vanaf 2001-02-10
Artikel 11
Subsidieregeling beurzenprogramma DELTA
1. Onverminderd artikel 10, wordt subsidie verleend ten behoeve van het verstrekken van beurzen aan studenten van een instelling als bedoeld in artikel 1.8 van de Wet op het hoger onderwijs, voor het volgen van hoger onderwijs aan een instelling in een van de doelgebieden, indien:
a. dit geschiedt in het kader van institutionele samenwerking,
b. de subsidieaanvrager deelneemt aan of een intentieverklaring tot deelname heeft van de in het betreffende doelgebied gevestigde NESO respectievelijk NESO in oprichting,
c. het daarmee gemoeide bedrag niet hoger is dan 20% van het in totaal aan de subsidieontvanger te verstrekken subsidiebedrag, en d. de desbetreffende student niet ouder is dan 35 jaar en deze ten minste drie maanden hoger onderwijs zal volgen.
2. Een met subsidie op grond van het eerste lid te verstrekken beurs bedraagt per studiejaar ten minste € 907,56 (ƒ 2000,-) en ten hoogste € 4.537,80 (ƒ 10.000,-)
a. dit geschiedt in het kader van institutionele samenwerking,
b. de subsidieaanvrager deelneemt aan of een intentieverklaring tot deelname heeft van de in het betreffende doelgebied gevestigde NESO respectievelijk NESO in oprichting,
c. het daarmee gemoeide bedrag niet hoger is dan 20% van het in totaal aan de subsidieontvanger te verstrekken subsidiebedrag, en d. de desbetreffende student niet ouder is dan 35 jaar en deze ten minste drie maanden hoger onderwijs zal volgen.
2. Een met subsidie op grond van het eerste lid te verstrekken beurs bedraagt per studiejaar ten minste € 907,56 (ƒ 2000,-) en ten hoogste € 4.537,80 (ƒ 10.000,-)